Press "Enter" to skip to content

Telegraaf column 30 januari 2020

Een indrukwekkende koninklijke buitenwiplijst

Tip voor degenen die toevallig nog een uurtje over hebben: gebruik die tijd niet om uit te pluizen hoeveel koninklijke bastaardkinderen er op de wereld zijn gezet. Je redt het niet. En je redt het óók niet binnen een dag. Met een volkstelling ben je eerder klaar.

Nu Albert II dan eindelijk heeft toegegeven wat iedereen allang wist (spitting image, bovendien), namelijk dat kunstenares Delphine Boël de vrucht is van zijn liaison met barones Sybille de Selys Longchamps, vraag ik het mij wederom af: wat is dat toch met het mannelijke blauwe bloed?

Tuurlijk, ik vraag mij wel meer af. Toen zij de dochter van Albert in 1968 het levenslicht schonk was barones Sybille al zes jaar met jonkheer Jacques Boël getrouwd. Met andere woorden: madame boembadieboemde zelf óók buiten de deur. Daar heb ik inderdaad eveneens mijn gedachten over (toch, Paola?), maar voor de duidelijkheid beperk ik mij nu tot de koningen en prinsen, in het bijzonder die van de lage landen.

De buitenwiplijst van het Belgische vorstenhuis kenmerkt zich door bescheidenheid. De eerste twee Leopolden hadden ieder twee bastaarden, Leopold III had er drie. Dat is ver beneden het lagelandse gemiddelde. Aan de Nederlandse hoven – het begon al bij de Vader des Vaderlands, die volgens het boek Oranje Bastaarden van J.G. Kikkert ‘tientallen bijslapen’ had – waren de schuinsmarcheerders door de eeuwen heen veel actiever. Ik concentreer mij op de laatste generaties en begin bij Willem I: zes buitenechtelijke kinderen. Willem II had er ook zes en Willem III liefst negen. En hij werd, op zijn beurt, weer overtroffen door zijn schoonzoon Prins Hendrik, die zijn dochter Juliana liefst tien halfbroers en -zusters bezorgde, onder wie de roemruchte Pim Lier.

Gezellig hè, hogerop?

En dan heb ik nog niet eens over prins Bernhard gehad, die officieel twee bastaarden verwekte. Hij deinsde er zelfs niet voor terug een jonge Française te bezwangeren die op dat moment net zo oud was als zijn jongste dochter.

Bah.

Ach, zo moeilijk is de hierboven gestelde vraag wat dat toch is, met dat mannelijke blauwe bloed, nu ook weer niet te beantwoorden. In feite hoef ik daartoe slechts Historiek.net te citeren: “Een huwelijk was veel minder een echtverbintenis uit liefde dan uit berekening. De vorstin fungeerde allereerst als broedmachine. Dat de vorst zijn driften intussen elders afreageerde was niets bijzonders.”

Was François Mitterrand een koning?

Officieel niet, maar velen vinden van wel.

Aan één voorwaarde voldeed hij sowieso: hij had een buitenechtelijke dochter, genaamd Mazarine. En hij gaf haar een behandeling waarvan Albert, die Delphine tot nu toe vernederde, misschien nog iets kan opsteken. Mazarine werd zelfs uitgenodigd voor Mitterrands begrafenis.

Gewoon in de eerste rij gaan staan die dag, Delphine!

Je weet toch wat er in jouw volkslied de Brabançonne wordt beweerd?

Voor Vorst, voor Vrijheid en voor Recht!

Reageren

rob@hoogland.nl