Press "Enter" to skip to content

Tel1912

December 2019

Hier de stukken die ik in december 2019 voor de Telegraaf schreef. Klik op een datum in de tabel als je de column die op deze dag in de krant werd gepubliceerd direct wilt lezen. Scroll anders naar beneden.


dinsdag 3 december 2019
In je nakie bij 19 graden. Slap hoor

Had ook Frenkie kunnen bellen, dat is waar. Die woont daar tenslotte. Maar dan had mijn vrouw, die naar ik vrees ernstig aan een frisse Hollandse toyboy toe is, de telefoon meteen watertandend uit mijn handen gegrist. Daarom zocht ik het weer van zondag in Barcelona gewoon maar even op timeanddate.com op: heerlijk zonnetje, graadje of negentien, twintig.

Ja hallo, zo had ik het ook gekund!

Niet dat ik de voorbijgangers op het Plaça de Catalunya met mijn naakte lichaam had willen confronteren. Ik mag graag choqueren, maar zelfs voor mij zijn er grenzen. Niet voor niets begon ik zojuist over die frisse Hollandse toyboy. Wie mijn lijf observeert, beseft dat de blobvis, onlangs uitgeroepen tot het lelijkste dier ter wereld, het qua uiterlijke schoonheid nog niet eens zo slecht heeft getroffen. En laatst had ik ook al een pluisje in mijn navel.

Liefdesbrieven graag naar het redactiesecretariaat.

O ja, het gaat mij hierom: een demonstratie in Barcelona. Op het Plaça de Catalunya inderdaad, waar ze wel vaker demonstreren, maar niet zoals ditmaal. Nu lagen er naakte mensen. Bij tientallen, in elkaar verstrengeld alsof ze op het punt stonden aan een orgie te beginnen vergeleken waarbij die van Heliogabalus tuttige theekransjes waren. Het waren poedelnaakte dierenrechtenactivisten, al vraag ik mij af of ik dat bijvoeglijk naamwoord wel kan gebruiken. Poedels hebben óók rechten, ja!? En piemelnaakt kan natuurlijk al helemáál niet, wegens gebrek aan diversiteit. Hoe dan ook hadden ze bloed op hun lichamen. Dat wil zeggen: nepbloed. Zo protesteerden ze tegen de bontindustrie.

Nogmaals: bij een graadje of negentien, twintig.

Veel comfortabeler kan het volgens mij niet.

Logisch dat ik terstond aan het Amundsen-Scott Zuidpoolstation moest denken. Dat deed u toch ook, mag ik aannemen? Het ligt zo voor de hand. Daar, immers, op de meest zuidelijke plek ter wereld, op dit onderzoeksstation dat werd vernoemd naar Roald Amundsen en Robert Falcon Scott, die in 1911 en 1912 als eersten de Zuidpool bereikten, werd op 23 juni 1982 een minimumtemperatuur gemeten van 82,8 graden onder nul.

In die omgeving leven ook zeehonden, drie soorten zelfs, dus als je dan toch zo symbolisch mogelijk voor het welzijn van dat soort dieren wilt protesteren, dan moet je het op die plek doen. Hebben zeehonden kleren aan? Ik bedoel maar. Echt, ze hadden dáár in hun nakie actie moeten voeren. Of komt u soms wél arme zeehondjes op het Plaça de Catalunya tegen?

Slap zooitje hoor, die dierenrechtenactivisten.

Zou er trouwens iemand van de honderden toegestroomde nieuwsgierigen op dat plein zijn geweest, die slechts aan het onvoorstelbare leed der dieren dacht bij het aanschouwen van al die naakte demonstranten, van wie sommige neuzen soms wel heel dichtbij sommige blote achterwerken vertoefden?

Ik weet wel wat ik dacht.

Maar goed, daarom, dat dit stukje ten einde is.


donderdag 5 december 2019
Hoort wie klopt daar? Allemaal onder tafel!

Makkers staakt uw wild geraas maar, voor ons is het heerlijk avondje dan toch nog gekomen. Al zullen wij door alle veiligheidsmaatregelen die wij hebben moeten treffen ditmaal inderdaad de maan niet door de bomen zien schijnen. Dat is nu eenmaal onmogelijk als je jezelf zo grondig voor de vijand moet verschuilen.

Waar wij ‘Sinterklaasje bonne bonne bonne’, zoals altijd ons beginlied, zullen aanheffen? Haha, denkt u soms dat ik net zo zwakbegaafd als Gökmen T. ben? U snapt toch wel dat ik dat niet kan vertellen? Ik kan het helaas niet anders uitdrukken dan als volgt: wij komen bijeen op een geheime locatie, diep verscholen in een bos of park, dan wel aan de kust, op een eiland of een boorplatform op de Noordzee, de Atlantische Oceaan of de Pacific, dan wel in een niet nader te noemen stad of streek, dan wel op een stuk heide of veengrond in het noorden, dan wel in het oosten, dan wel in het zuiden, dan wel in het westen van het land, waarbij ik in het midden laat over welk land ik het heb.

Waarom ik het zo formuleer? De kans is niet groot, geef ik toe, maar het kan helaas niet geheel en al uitgesloten worden geacht dat de makkers van Kick Out Zwarte Piet, met hun wild geraas, niet allemáál op hun achterhoofd zijn gevallen. En dat zij er dus door een onbedoelde aanwijzing in dit stukje plotsklaps achter komen waar wij ons tijdens pakjesavond bevinden. Daar moet je toch niet aan denken? Dat tante Wubbeltien straks een van haar vermaarde gedichten voorleest, bedoel ik (“Dit is voor Ad en Pietertje / Altijd als een gietertje”, dat werk), en dat Jerry Afriyie op dat moment hevig verontwaardigd komt binnenstormen, niet omdat hij zijn eigen gedichten van een hoger niveau acht, waarmee hij overigens voor het eerst van zijn armzalige leven de lachers op zijn hand zou krijgen, maar omdat wij een heuse Zwarte Piet in ons midden hebben?

Wat zegt u? Wie Sint Nicolaas speelt? Laten we het voorlopig op oom Eugène houden, maar houd er rekening mee dat het ook neef Tjabbe kan zijn, oud-tante Hadewiek of buurman Dwarrelveld, waarbij ik graag, suggererend dat hun echte namen slechts bij de redactie bekend zijn, wil benadrukken dat zij niet per se Eugène, Tjabbe, Hadewiek of Dwarrelveld hoeven te heten.

Wie Piet is ga ik u uiteraard helemáál niet aan de neus hangen. Er moeten in Nederland al genoeg mensen 24 uur per dag worden bewaakt. Om die reden kan ik u evenmin uit de doeken doen waar wij de zwarte schmink, de felrode lippenstift, de zwarte krulpruik en de grote koperen oorringen hebben aangeschaft waarmee wij hem of haar in een geloofwaardige Piet zullen veranderen. Die winkel moet nog langer mee en de brandverzekeringsmaatschappijen doen toch al zo moeilijk de laatste tijd. Wel wil ik graag mijn dank uitspreken aan het adres van de anonieme legerdumpstore, ergens in het land maar misschien ook wel daarbuiten, die onze Sint en Piet tegen een schappelijk prijsje van degelijke kogelvrije vesten heeft voorzien.

Hoort wie klopt daar, kinderen?

Allemaal onder tafel! Snel!

Wat gezellig toch, zo’n kinderfeest.


zaterdag 7 december 2019
De volgende VPRO-docu: ‘Ik pers mij stuk’

Privéleed, de allerintiemste beslommeringen: op de kwelbuis worden ze tegenwoordig zonder blikken of blozen aan den volke getoond. Een onweerstaanbare neiging tot exhibitionisme lijkt zelfs vereiste numero 1, getuige het massale, kritiekloze gejuich waarmee de VPRO-documentaire Mijn seks is stuk werd ontvangen.

Gezien, 4 december?

Vrij van enige gêne promoveerde Lize Korpershoek, de maakster van Mijn seks is stuk, het structurele wegebben van haar oerdrift zodra haar relaties wat langer duren, tot het thema van haar programma. Tim Hofman, met wie zij al 3 1/2 jaar verkering heeft, verleende gewillig zijn medewerking en heel Nederland kon de docu bekijken.

Van dattum doen ze nauwelijks nog, die twee.

En dat moesten wij allemaal weten.

Eerlijk is eerlijk, ze brachten me wel op een wereldidee: een documentaire onder de titel Ik pers mij stuk, die ik uiteraard onmiddellijk bij de VPRO heb gepitcht. Beter goed gejat dan slecht bedacht. Mijn vrouw gaat ermee akkoord dat onze onderlinge gesprekken over mijn probleem worden opgenomen en wij willen tevens uitgebreid toelichten hoe onze relatie eronder lijdt.

O ja, zeker, ik had mijn aarzelingen. Constipatie en het onvoorstelbare leed dat ermee gepaard gaat is niet iets waarmee je graag te koop loopt. Je brengt dagelijks uren op de wc door, je gekreun en gesteun is voor het hele gezin hoorbaar en het effect op het liefdesleven dient niet te worden onderschat.

Geloof me, in mijn geval had mijn wederhelft, zoals zij mij ooit op een intiem moment toevertrouwde, in eerste instantie het idee dat zij een Noord-Hollandse kloon van Sean Connery aan de haak had geslagen, dat wil zeggen: de Sean Connery van een halve eeuw terug, mannelijk en toch poëtisch, woest en verfijnd tegelijk.

Ik herinner mij nog dat ik daar, indien door bronst bevangen, wel eens op inspeelde zodra wij de slaapkamer betraden. “My name is Bond. James Bond“, zei ik dan. Vervolgens sloegen wij het voorspel over. Inmiddels heeft zij de indruk dat zij met Evert uit Het Geheime Dagboek van Hendrik Groen gehuwd is – u weet wel: die rol van André van Duin – omdat zij mij steeds met gepijnigde blik en mijn trillende handen op mijn onderbuik van het toilet naar de echtelijke sponde ziet strompelen. Een belemmerde stoelgang heeft een desastreuze uitwerking op de passie. Geen normale vrouw die de lakens watertandend open slaat voor een jammerende sukkel die er net weer drie kwartier vergeefs persen op heeft zitten.

Kijk, dát willen wij allemaal, gezellig met z’n tweetjes, gaan vertellen in Ik pers mij stuk.

Succes verzekerd!

Vraag het maar aan Lize en Tim, al moet ik eerlijk gezegd ook denken aan een uitspraak van Wim Sonneveld, nadat hem de toen nog best brutale vraag was gesteld of hij zijn seksuele honger kon definiëren.

“Ach, je hebt grote eters en kleine eters”, zei Wim.

Zo zou je het ook kunnen zeggen, sterker nog: dat heeft mijn voorkeur. Maar goed, de teerling is geworpen, ik zie een gat in de markt en heb binnenkort al een afspraak met Popla, want zo’n docu moet natuurlijk wel gefinancierd worden.


dinsdag 10 december 2019
In plaats van de boef pakken ze de burger

Eerst even een samenvatting: ABN Amro sloot 470 geldautomaten, negentig Geldmaat-flappentappers zijn ook al buiten werking gesteld, de discussie over de aanwezigheid van dergelijke apparaten in de buurtsupers is voor de zoveelste maal heropend en zondagnacht werden in Tubbergen en Baarlo twee Rabo-machines geplofkraakt. Van die bank kunnen we binnenkort dus óók sluitingsmaatregelen verwachten.

Gaat lekker, qua orde- en wetshandhaving in Nederland. Kunnen we de boeven niet pakken? Dan pakken we de burger. Oma bekijkt het maar, als ze geld nodig heeft. Pardon? Iederéén bekijkt het maar, getuige ook het ING-besluit om 150 van de 380 servicebalies te sluiten.

Is het louter anti-plofkraakbeleid dat aan de sluiting van al die automaten ten grondslag ligt? Natuurlijk niet. Het is eerder een goed excuus. Ze willen in de eerste plaats het contante geld – we hebben met z’n allen voor miljarden aan cash thuis liggen – uit de samenleving verbannen. Hoe meer controle over ons, hoe meer vreugd bij zowel banken als de polderlandse overheid.

Toch zegt Hans van Loon, adviseur veiligheid van de Nederlandse Vereniging van Banken, op de NOS-website dat het opheffen van de geldmachines geen oplossing is: “We moeten een balans vinden tussen de beschikbaarheid van contant geld in de samenleving en de veiligheid.” Het kost mij moeite dat te geloven, al kan het inderdaad ook geen kwaad om tot het uur U – sluiting van alle automaten – preventieve maatregelen tegen het plofkraken te treffen.

Verschillende methoden worden onderzocht, zegt Van Loon. “Een daarvan is verbranding. Maar dat loopt aan tegen de grenzen van die regelgeving. De Nederlandsche Bank stelt eisen, bijvoorbeeld dat geld niet waardeloos gemaakt mag worden. In sommige gevallen gebruiken we inkt, maar de echte oplossing moet gezocht worden in geldontwaarding.”

Dank u, mijnheer Van Loon.

Dan geef ik nu het woord aan een lezer.

Johan de Boer uit Hegelsom (Limburg) stuurde mij onlangs een mail over dit onderwerp.

“Ik heb de laatste tijd enkele instanties gemaild, waaronder De Nederlandsche Bank, de Consumentenbond (die overigens alleen antwoord geeft als je de dure contributie betaalt), en enkele dag- en weekbladen. Hun enige reactie was dat ze mijn mail in goede orde hebben ontvangen.

Ik denk een eenvoudige oplossing te hebben. Laat de banken een airbag, met daarin een mengsel van vloeibare lijm en gekleurde verf in de geldautomaat plaatsen. Bij een bepaalde druk scheurt deze airbag kapot en verdeelt de inhoud zich over het aanwezige geld, dat hierdoor onbruikbaar wordt. Het is hetzelfde systeem als de airbag in auto’s, maar dan kleiner. Door ruchtbaarheid aan dit systeem te geven, bijvoorbeeld op de online bankingsites, zullen criminelen zich wel tweemaal bedenken voordat ze weer een plofkraak plannen.”

Deze krant heeft slimme lezers.

Onder wie dus Johan de Boer uit Hegelsom.


donderdag 12 december 2019
Ik wou dat ik 70 hondjes was

Ik wou dat ik 70 hondjes was, dan kon ik samen spelen. Vergeef mij deze schandelijke ontering van het beroemde jarenvijftiggedichtje van Godfried Bomans of Michel van der Plas (daar zijn de geleerden het nog altijd niet over eens).

Maar hier zit ik, ik kan niet anders, ik wil alleen nog maar 70 hondjes zijn. Niet omdat ik mij onnoemlijk voor het vensterglas zit te vervelen, zoals de eerste zin van het rijm wil, maar omdat ik zojuist hoofdschuddend het polderlandse nieuws van de afgelopen dagen heb doorgenomen.

Waf, waf, waf!

Het was allemaal aan mij voorbijgegaan omdat ik in de Oost-Algarve vertoefde, aangenaam ver weg van onze realiteit. Samen met Arthur van Amerongen, die er woont, had ik via een crowdfundingsactie 11.000 euro opgehaald voor een in hoge nood verkerend asiel aldaar, dat inderdaad zo’n zeventig honden huisvest. Ik voelde mij tegenover al die gulle gevers verplicht ter plekke te controleren – geen zorgen, op eigen kosten, ik ben Rosanna Kluivert niet – hoe dat geld is gespendeerd en kwam al snel tot de conclusie dat er mooie dingen van zijn gedaan. Eindelijk zijn de rekeningen van de dierenartsen betaald, eindelijk hebben die beestjes een dak bovenop hun zeventien kennels, ik noem maar iets. Maar toen vloog ik terug en diende ik mij weer, uit hoofde van mijn functie, te concentreren op het nieuws der Nederlanden.

Wat had ik gemist?

Heel veel.

En bij alles wat ik gemist had dacht ik: het aantal onbekwamen onder de boven-ons-gestelden, in welk metier dan ook, is inmiddels zo angstaanjagend hoog dat werkelijk voor ons welzijn moet worden gevreesd.

U wilt het meest treffende voorbeeld?

Ik zou Ankie kunnen noemen. Ankie Broekers-Knol, die zich steeds zo gênant laat schofferen door Marokko. Ik zou Menno Snel kunnen noemen, de toeslagenblunderaar die het volk liever dom houdt en mij op een idee heeft gebracht: ik breng mijn volgende boek met uitsluitend zwartgelakte zinnen op de markt. Show, don’t tell is niet voor niets literaire stelregel numero 1. Ik zou de ontelbare corrupte leidinggevenden van de NPO kunnen noemen, die het vernietigende Rekenkamer-rapport over de manier waarop zij die 850 miljoen per jaar over de balk gooien als volgt durfden te becommentariëren: “Doelmatigheid is een relatief jonge wettelijke taak.”

Ik zou zoveel kunnen noemen.

Maar ik houd het ditmaal op iets Rotterdams. Ja echt, op iets Rotterdams. Lange tijd dacht ik dat ze in 010 niet vatbaar zouden zijn voor Amsterdamse virussen. Dat bleek een misvatting, getuige deze anekdote, door de Rotterdamse editie van deze krant opgetekend uit de mond van Michel van Elck van Leefbaar Nederland, die de overlast van bedelaars op de terrassen in zijn stad terecht spuugzat is: “Er zijn door de gemeente gesprekken gevoerd met ondernemers waarbij gevraagd is om hun terras onaantrekkelijker te maken.”

Laat dat maar eens tot u doordringen.

Dan blijf ik intussen zo lang mogelijk 70 hondjes.


zaterdag 14 december 2019
Geen Verneinung, maar Verjahung, graag

De Duitsers hebben er een mooi woord voor: Verneinung. Dat is het psychische afweermechanisme dat soms optreedt wanneer iemand met feiten wordt geconfronteerd die hij zo moeilijk kan accepteren dat hij ze verdraait of ontkent.

Goed, dan maken wij nu vanuit Duitsland een reuzenstap, helemaal over Nederland en de Noordzee heen, naar het perfide Albion. Op dit moment hebben veel Britten namelijk last van Verneinung. Dat wil zeggen: veel linkse en links-liberale Britten, pro-Europa en oververtegenwoordigd bij de BBC en kranten als The Guardian en The Independent.

Komt u dat ook zo bekend voor?

Donderdag gingen ze genadeloos af. De Grand National van de Lagerhuisverkiezingen leverde geen fotofinish op, zoals voornoemde media de laatste dagen gretig voorspelden, maar een overwinning van Boris Johnson met twintig lengtes, die zelfs tot een absolute meerderheid van zijn partij leidde en dientengevolge wellicht tot een snelle invoering van Brexit.

Eens te meer – ik verwijs ook maar weer naar de laatste Amerikaanse presidentsverkiezingen – bleek de wens de vader van de gedachte toen zij, in Nederland van harte bijgestaan door hun links-liberale collega’s (lees: zo’n beetje alle traditionele media behalve de Telegraaf), hun voorspellingen deden. Dat er buiten de hoofdstad ook nog een leven is realiseerden ze zich weer eens niet, hetgeen mij overigens óók bekend voor komt. Zelfs toen ze keihard de deksel op de neus kregen wilden ze domweg niet zien wat er aan hand was.

Verneinung, dus.

Een paar jaar terug introduceerde ik het werkwoord jamaren, een samenstelling van ja en maar. Welnu, dat deden ze naar hartenlust, jamaren: ja maar dit was een overwinning voor het populisme, ja maar het nepnieuws had een beslissende rol gespeeld, ja maar Johnsons bedrog en leugens gaven de doorslag. En niemand bleek in staat tot het trekken van de enige juiste conclusie: het Britse volk is het jarenlange Brexit-gejeremieer zat en heeft in meerderheid niks met de EU.

Het geldt met name voor de working class die vroeger in grote meerderheid Labour stemde maar zich inmiddels veel minder door die partij vertegenwoordigd voelt. Reden: Labour werd/wordt geleid door een slappe, ook aangaande Brexit besluiteloze, ultralinkse zonderling met anti-semitische trekjes, genaamd Jeremy Corbyn, die vorig jaar nog (!) door Lodewijk Asscher als een lichtend voorbeeld werd gezien.

En aan wie gaf Corbyn de schuld voor zijn onthutsende nederlaag?

Zijn zoveelste klassieke fout: de pers.

Alsof BoJo niks over zich heen had gekregen.

Oók Verneinung.

Ik zag een foto voorbijkomen. Er stond een stel Britse bouwvakkers op, toffe jongens in met verf besmeurde overalls, met veiligheidshelmen op. Meer working class kon je het niet krijgen. En wat droeg de man in het midden? Een groot kartonnen bord waarop in rode letters ‘We love Boris’ stond geschreven.

Ze voelen zich door de linkse en links-liberale elite in de steek gelaten, die mannen.

Hoogste tijd voor een Verjahung.


dinsdag 17 december 2019
Toch nog gezond verstand bij NOCNSF

Aha, dus toch. Dus toch nog iets van gezond verstand bij NOCNSF: de Nederlandse handbalvrouwen die zondag zo sensationeel de wereldtitel bemachtigden, zijn alsnog genomineerd voor de verkiezing van de Sportploeg van het Jaar tijdens het Sportgala dat woensdag 18 december in Amsterdam wordt gehouden.

Ze stonden niet eens op de shortlist.

Vóór 1 december, ver voordat het WK in Japan begon, hadden ze genomineerd moeten zijn. En dus dacht de selectiecommissie: nou, dan nomineren we ze toch lekker niet? Zo 2018, om er vanuit te gaan dat de maand december ook bij het jaar hoort. Zo passé. Het is een wegwerpmaand, goedbeschouwd. Er wordt ruzie over Zwarte Piet gemaakt, ze componeren Sinterklaas-gedichten die iedere toehoorder met een beetje taalgevoel zelfmoord doet overwegen en ze eten en zuipen zich tijdens de kerstdagen te pletter. Bovendien zijn er nu eenmaal regels, afspraken en protocollen, ook bij NOCNSF. Dit is een negen-tot-vijfmaatschappij, hier eten we om half zes warm en wassen we op zaterdag ons autootje. Alles is ver van tevoren uitgestippeld en daarom is het heel normaal dat wij een sportjaar op 1 december laten eindigen.

En stiekem dachten ze ook: ach, die handbalmeiden zijn een paar vedettes kwijtgeraakt, dus die worden toch vroegtijdig uitgeschakeld.

Hahaha!

De oorspronkelijke shortlist gezien?

Komen ze: teamsprint mannen baanwielrennen, Madison vrouwen baanwielrennen, nationaal vrouwenhockeyteam, nationaal mannenhockeyteam, nationaal korfbalteam, achtervolgingsteam langebaanschaatsers mannen, mannenteam MXGP motorcross, dubbelvier mannen roeien, nationaal voetbalteam mannen, nationaal voetbalteam vrouwen, Jumbo Visma wielerploeg mannen, Ajax.

Ik bellen met NOCNSF, gisteren.

„Nee, dat kan niet meer worden veranderd. Al wordt er waarschijnlijk wel iets feestelijks met de meiden gedaan”, zei de woordvoerder.

Welnu, het kon dus wél worden veranderd.

Later op de dag drong dan toch het besef tot het NOCNSF door dat ze het niet konden maken om de handbalsters dan maar in 2020 te laten meedingen, zoals eerst het plan was. Ik zag het al voor mij, volgend jaar op de Olympische Spelen in Tokio. Gebroken heup bij Estavana Polman omdat Rafaël vlak voor het vertrek nog even de hertensprong wilde uitproberen. Lois Abbingh in een Russisch concentratiekamp omdat zij in de halve finale van het WK haar clubgenoten van Rostov Don voor joker had gezet. Tess Wester na de eerste wedstrijd geschorst omdat zij met haar gegil na elke geslaagde redding het aantal toegestane decibellen in de zaal steeds ruimschoots overschreed. En dus uitschakeling in de groepsfase en in 2020 óók geen Sportploeg van het Jaar.

Het zou werkelijk van de zotte zijn geweest als de ware sportheldinnen van dit jaar niet alsnog waren genomineerd.

Al is het natuurlijk wel zielig voor al die andere ploegen.

Want nu staat de Sportploeg van het Jaar al vast.

 

 

PS. Zoals twee dagen later ook bleek.


donderdag 19 december 2019
Uitschot is uitschot, moord is moord

Ah, daar heb je ‘m weer: het voltooide levensdelict. Er is weer eens iemand afgeslacht en ik lees dat het hondsvot dat in verband met deze moord is aangehouden van het plegen van ‘een voltooid levensdelict’ wordt verdacht.

Jakkes.

O, zeker, ik mag zelf ook graag eufemismen gebruiken. ‘Aardig goaltje’ wanneer een schitterend voetbaldoelpunt is gemaakt gooi ik er regelmatig in. Het zal mijn afkomst wezen. Als de zuidwester zware slagregens met kracht 10 horizontaal over zijn totaal verdraste weiland zwiept, kijkt de Noord-Hollandse boer vanuit de woonkeuken in zijn stolpje door een kier van het gordijn naar buiten en mompelt-ie: “Pittig buitje.” De oude VVD-Europeaan Cees Berkhouwer, bijgenaamd Boerenkees en óók een Noord-Hollander, kwam ooit ter karakterisering van zijn volk met dit voorbeeld aanzetten. Sindsdien koester ik het.

Verzachtende of verbloemende woorden vind ik dus niet per definitie fout. Suïcide in plaats van zelfmoord, koeien ruimen in plaats van afmaken? Prima. En om ‘dat hele erge’ wanneer men het over seks heeft, een gereformeerd getinte, vroeger bij de TROS Nieuwsshow vaak ironisch door Martin Ros gebezigde term, kan ik alleen maar smakelijk lachen. Brits voorbeeld: “He is going to swim with concrete shoes.” Vertaling: hij gaat zwemmen met betonnen schoenen. Criminelen zeggen er versluierd mee dat er iemand met opzet wordt verdronken. Ook daar kan ik wel om lachen.

Nou ja, om de term dan.

Maar om dit?

Om de groeiende neiging, hier te lande, om een moord met ambtelijke droogheid als een voltooid levensdelict te omschrijven?

Ik kan er momenteel niet zo goed tegen. Dat heeft ook van doen met de berichtgeving over de arrestatie van Ridouan Taghi, de meest genadeloze crimineel die dit land ooit heeft gekend. Ter illustratie werden de talloze moorden waartoe hij opdracht heeft gegegeven in diverse media weer eens op een rijtje gezet. Andermaal kon ik vaststellen dat ze zich allemaal kenmerkten door een onvoorstelbare wreedheid en een totaal gebrek aan empathie. Bovendien hoorde ik John van den Heuvel, mijn geweldige Telegraaf-collega die dankzij deze meneer Taghi 24 uur per dag bewaakt moet worden, het vermoeden uitspreken dat er vast al tientallen criminelen klaar staan om hem op te volgen. Van die mededeling werd ik óók niet echt vrolijk, om het maar eens eufemistisch uit te drukken.

Ridouan Taghi gaf geen opdracht voor het plegen van voltooide levensdelicten.

Ridouan Taghi gaf opdracht voor het plegen van laffe moorden, al gebruikte hij daar zelf, getuige de ontcijferde telefoongesprekken, ook een eufemisme voor: “Hij gaat slapen.”

Noem het beest gewoon bij zijn naam en waak ervoor dat er straks in plaats van ‘een voltooid levensdelict’ een term wordt verzonnen die nóg eufemistischer is, zoals bij de werkster die eerst huishoudelijke hulp en later interieurverzorgster werd.

Uitschot is uitschot, moord is moord.

En niets anders.


zaterdag 21 december 2019
Geen joepie voor dit NPO-wangedrocht

Charles Groenhuijsen zei joepie tegen zijn vrouw. Dat doe ik ook wel eens, althans: tegen míjn vrouw, niet die van Charles. Maar ik zeg het om andere redenen, die ik om huwelijkstechnische redenen liever voor mij houd.

Charles onthulde het op de publieke roeptoeter. Hij vertelde erbij dat hij het zei na een telefoontje waarin hem werd medegedeeld dat men hem samen met Carrie ten Napel een van de vijf duo’s wil laten vormen die bij toerbeurt de nieuwe late night Op1 gaan presenteren.

Ik snap het wel hoor, dat Charles joepie tegen zijn vrouw zei.

Met je kop op de buis: voor hem nu eenmaal het summum.

Maar moeten wij óók joepie zeggen?

Eva Jinek is al gezwicht voor RTL-miljoenen en in plaats van Jeroen Pauw – de man, vrijdagavond 20 december voor het laatst op de kwelbuis, die het Gordon Gekko-motto ‘Greed is good’ als geen ander in de praktijk wist te brengen – krijgen we inderdaad liefst vijf duo’s (op de fotomontage van Noord-Hollands Nieuws hierboven zijn vlnr Sophie Hilbrand, Willemijn Veenhoven en Giovanca Ostiana afgebeeld): Erik Dijkstra en Willemijn Veenhoven, Tijs van den Brink en Giovanca Ostiana, Hugo Logtenberg en Sophie Hilbrand, een nog onbekend tweetal (Jort Kelder en Fidan Ekiz haakten voorlopig af), plus Charles en Carrie dus.

Zeg dan, als kijker, maar eens joepie.

Mij lukt het niet.

Niet dat ik denk dat dit tiental óók allerlei productiehuizen gaat oprichten waarmee zij via via een inkomen vergaren vergeleken waarbij de 181.000 euro die zij maximaal mogen verdienen een bijstandsuitkering is. Zolang de constructie van de publieke omroep blijft zoals zij nu is, zullen fraude en corruptie er niet weg te denken zijn, maar ik neem aan dat over deze specifieke kwestie eindelijk bindende afspraken zijn gemaakt. Al hoop ik wel dat de presentatoren groot genoeg zullen zijn om er het thema van de dag van te maken wanneer de Rekenkamer toch weer een soortgelijk geval aan het licht brengt. Dat kon Jeroen Pauw, de vakman die zich bij de keuzes van zijn onderwerpen zo graag door het nieuws van de dag liet leiden, niet opbrengen.

En maar anderen de maat nemen.

Maar goed.

Moet de constructie van de publieke omroep blijven zoals zij nu is? Natuurlijk niet. Het is een onontwarbare kluwen van verenigingen, stichtingen en bedrijven, daar op het Mediapark, een overbevolkt, voor kartelvorming gevoelig marktplein waar voor 850 miljoen euro per jaar totaal achterhaalde politieke, kerkelijke, culturele en maatschappelijke belangen tegen elkaar worden uitgeruild. De keuze voor vijf duo’s in plaats van Pauw en Jinek is daar een van de meest bizarre resultaten van. Iedereen moest te vriend worden gehouden. Dan krijg je zo’n wangedrocht.

Hoe druk je die broodnodige verandering erdoor?

Ervaringsdeskundige Martin Bosma wilde er naar aanleiding van het onthutsende Rekenkamer-rapport wel eens flink met zijn collega’s in de Tweede Kamer over debatteren.

Niemand had er zin in: wéér zo’n moment dat ik walgde van de Haagse, veel te nauw met Hilversum verbonden kliek.

Het duurt, vrees ik, nog heel lang voordat ik in dit geval joepie zeg.


maandag 23 december 2019
En ik maar wachten op zoen Rico en Badr

Ergens kan ik mezelf niet uitstaan. Alles stond me tegen aan dat helse kabaal in de aanloop naar Rico-Badr. Bij ieder bericht, bij elk voorverhaal, bij alle filmpjes en interviews dacht ik: welnu, daar ga ik níet naar kijken.

En wat deed ik?

Ik ging ernaar kijken.

Zelfs ik werd dus verleid.

Wel blij dat Rico won, zelfs als het inderdaad niet verdiend was, zoals de kenners zeggen. Wanneer een van de deelnemers aan een duel een gewelddadige crimineel is, die daarnaast al heeft bewezen dat hij niet terugdeinst voor dopinggebruik, ben ik automatisch voor diens tegenstander.

Zelf sportman geweest, dat zal het zijn. Waterpolo, evenmin een watjessport. Daarom schrok ik zo toen iemand het nodig achtte mij te informeren over het feit dat Diederik Samsom tot het waterpologilde heeft behoord. Al werd dat grotendeels weer goedgemaakt toen Fred Teeven mij vertelde dat hij óók ooit lid van mijn club was. Dat zal de reden zijn dat ik net als Fred in elkaar steek: altijd voor de good guy, nooit voor de bad guy.

Trouwens, over dopinggebruik gesproken, al surfend kwam ik een interessante nieuwscategorie tegen, te weten ANP Dopingnieuws. Vooral de berichten die daartoe werden gerekend trokken mijn aandacht. ‘Kickbokswedstrijd van de eeuw eindigt weer in anticlimax’, stond er bijvoorbeeld. Nogmaals, onder de noemer dopingnieuws.

Ha!

lory Collision 2, Unfinished Business: als ze met dat soort opgezwollen, Engelstalige termen gaan smijten, zoals bij deze wedstrijd, lopen mij subiet de rillingen over het lijf. De volumeknop ging al weken tevoren op maximaal, elk niemendalletje werd opgepompt en uitvergroot, op het laatst leek het wel alsof niet een paar simpele kickboksers tegen elkaar in het strijdperk zouden treden, maar twee door de grootmachten geselecteerde gladiatoren, uitverkoren om de Derde Wereldoorlog onderling te beslechten. Denk er de bijbehorende humbug bij, het wederzijdse gebluf, het onwaarachtige, ordinaire geschreeuw, de krankzinnige tv-exposure en je begrijpt misschien dat mijn afkeer steeds groter werd.

Er was maar één man die daar goed in was, omdat hij er humor aan toevoegde: Mohammed Ali.

De stare down, ook zoiets.

Dat is het moment waarop de twee opponenten voorafgaand aan het duel volgens de traditie neus tegen neus tegenover elkaar gaan staan, zo boos, stoer en onverschrokken mogelijk in mekanders ogen kijkend terwijl ze allebei een testosterongehalte van twaalf op de schaal van Richter suggereren. Ik dacht het ook nu weer: stel je voor dat de een de ander ineens vol op de mond kust, zoals de Zweedse bokster Mikaela Lauren twee jaar terug tot grote hilariteit bij haar Noorse tegenstandster Cecilia Braekhus deed (zie filmpje hieronder).

 

Rico Verhoeven en Badr Hari tongzoenend: dát had ik wel eens willen zien.

Al was de Derde Wereldoorlog dan waarschijnlijk werkelijk uitgebroken.

Het was allemaal zo onecht.

En toch ben ik er zelf ook weer ingetuind.


dinsdag 24 december 2019
Een laat bezoek op kerstavond

Bezoek? Op dit uur? Herbergier Goof schrikt van het geklop op de deur. Hij heeft de kaarsen in zijn verlaten zaak al uitgeblazen. Het is kerstavond, hij kan horen dat Wubbeltien boven ‘Stille nacht, heilige nacht’ reeds heeft opgezet.

Wat moet hij doen? Herbergier Goof denkt aan was er destijds gebeurde. In de herbergen van Bethlehem en omgeving gunde men Jozef en zijn hoogzwangere Maria geen kamer. In het besef dat hij deze avond alleen al om die reden barmhartigheid dient te tonen besluit hij de deur toch te openen.

Herbergier Goof weet zich plots door tientallen woeste, donkere ogen aangestaard. Er staat een grote groep vreemdelingen onder de schaars verlichte lantaarnpaal bij de ingang. Een van hen, de leider blijkbaar, neemt onmiddellijk het woord.

„Wij eisen onderdak”, zegt de man.

„Toe maar”, zegt herbergier Goof.

„Wij eisen verder sigaretten en geld”, zegt de man. „En wij willen minstens vijftig euro per persoon per week.”

„Waarom zou ik jullie gratis kamers, sigaretten en geld moeten geven?” vraagt herbergier Goof.

„Wij hebben daar recht op.”

„Hoezo?”

„Wij zijn asielzoekers.”

„Waar komen jullie vandaan dan? Syrië?”

„Nee, Moldavië.”

„Moldavië? Maar dat is toch een veilig land? Jullie hebben geen vluchtelingenstatus.”

„Dat maakt niet uit. We hebben hier asiel aangevraagd, punt. Toch worden we als honden behandeld. We krijgen maar eenmaal per dag warm eten. Nog geen enkele keer hebben we Moldavisch voedsel geserveerd gekregen. Een schande! Zelfs varkens hebben het hier beter! Laat ons binnen! Nu!”

Van een dergelijke getuigenis, eveneens door een Moldaviër geuit, heeft herbergier Goof eerder vandaag toevallig kennisgenomen. Hij las het in de Telegraaf en heeft er nog steeds zo zijn gedachten over.

„Hebben jullie even?” vraagt hij.

„Vooruit dan maar”, zucht de man.

Herbergier Goof sluit de deur, loopt snel naar boven en vertelt zijn vrouw Wubbeltien, in de huiskamer waar nu ’De herdertjes lagen bij nachte’ weerklinkt, wat er beneden aan de hand is. Ze overleggen, waarna Wubbeltien resoluut de telefoon pakt. Zij praat even met de persoon aan de andere kant van de lijn en hangt weer op.

„Vijf minuten”, zegt zij tegen haar man.

Herbergier Goof wacht tot hij het geronk hoort, daalt de trap naar zijn herberg weer af en opent de deur.

„Dat werd tijd”, zegt de Moldaviër.

„Kom binnen”, glimlacht herbergier Goof. „En loop meteen door naar de achterdeur. Als jullie die openen, staat jullie een grote verrassing te wachten. Het is tenslotte Kerst.”

Nieuwsgierig snellen de tientallen mannen door het café naar achteren, waar zij de deur openen.

Zij zien een grote touringcar met draaiende motor op de achterplaats.

’Enkeltje Moldavië’, staat erop.

Vlak voordat herbergier Goof de achterdeur met een harde klap dichtgooit roept hij: „Wij betalen het, mannen! Goeie reis en alvast een gelukkig kerstfeest, fijn bij de familie thuis!”

Uit de speakers in de huiskamer schalt ineens oorverdovend ’Gloria in excelsis deo’.


vrijdag 27 december 2019
Het volk, de liefdesbrief en het kalifaatmeisje

Niet alleen Frans Timmermans en Margriet van der Linden waren tijdens de Kerst danig in de war.

Wat dacht u van ons?

Ja, wij.

U en ik.

Zet Willem-Alexander een boom op over zijn volk, begint zijn volk te zeuren over een boom. Tijdens zijn kersttoespraak, waarbij hij zich overigens naar mijn stellige overtuiging voornamelijk tot zijn eigen drie pubers richtte (“Trek het je niet teveel aan als het eens tegenzit”), was volgens veel structureel verontwaardigde twitteraars geen kerstboom te zien.

En ja hoor, daar weerklonken reeds de bekende kreten: dit was de zoveelste knieval voor de islam, nog even en ook de koning spreekt nog slechts van een winterfeest. Dat soort teksten. En ik dacht: stop eens met elkaar napapegaaien, domme jammeraars, er was wél een kerstboom te zien. Een heel grote zelfs, met lichtjes en al, aan het begin van de uitzending, buiten op het voorplein van Huis ten Bosch.

En dan dat gejeremieer, uiteraard door de NOS geïnitieerd, over het feit dat de vorst ’voor de zevende achtereenvolgende keer’ het klimaat links had laten liggen.

Ik kreeg het er koud van.

Maar goed, de zeikerds bevonden zich in goed gezelschap. Ik noemde de namen al: Frans Timmermans en Margriet van der Linden. Hadden ze samen de kerstmaaltijd genoten en was de kalkoen bedorven? Ze deden allebei in elk geval heel raar en ik ben er nog altijd niet achter wie van de twee daarmee de kroon spande.

De liefdesbrief aan het Verenigd Koninkrijk die Frans Timmermans in The Guardian publiceerde was er eentje van de ergste soort. Niet eens zo lang geleden maakte hij de Britten die de EU toen nog slechts dreigden te verlaten zo ongeveer voor rotte vis uit. En nu de Brexit dankzij een glashelder verkiezingsresultaat onomkeerbaar is geworden zette hij plots een liefdesverklaring op papier van een niveau dat ook de allerslechtste Bouquetreeks-auteur niet zou hebben aangedurfd. Eén ding weet ik zeker: na deze brief – was het nu een doodskus of Judaskus? – willen de Britten liever vandaag dan morgen de EU uit.

Weg bij die engerds!

Wat jij, Margriet?

Of ben je nog niet in staat tot een zuivere conclusie nu Laura H. je het hoofd op hol heeft gebracht?

Zeker, het was Kerst, hét moment om iemand heel christelijk de andere wang toe te keren. Maar je kunt het ook overdrijven. Wat een gênante vertoning, dat angstaanjagend kritiekloze interview in Mensen met M met het kalifaatmeisje (alleen die beschrijving al van een aanhangster van dat onmenselijke, uiterst gewelddadige systeem). Het zou me niet verbazen als de naar Nederland gevluchte Jezidi’s die ervan uitgingen dat ze hier tenminste veilig voor de moordenaars en verkrachters van IS zouden zijn, onmiddellijk andermaal hun koffers hebben gepakt.

De kerstdagen liggen eindelijk achter ons.

Laten we daarom weer normaal gaan doen.

Ja, jij ook, Margriet.

Ja, jij ook, Frenske.


zaterdag 28 december 2019
Hoe krijgen ze het in hun perverse harses

Help, ik word links!

Ten langen leste laten mijn van conservatisme verkalkte aderen blijkbaar dan toch nog het bloed van mijn grootvader van moederskant tot mijn oude lijf toe. Hij was een bewonderaar van Domela Nieuwenhuis, hij was in 1902 mede-oprichter van de afdeling Alkmaar van de SDAP, hij was fervent voorstander van de verheffing der arbeiders en hij was hartstochtelijk afkammer van het toenmalige kapitalisme.

Of gebruik ik gewoon mijn gezonde verstand?

Ter verduidelijking citeer ik eerst een krantenkop van dik drie maanden terug: ‘Is Boeing too big to fail?’

Ja, zeiden verschillende kenners toen, er werken 170.000 mensen, bovendien bouwen ze naast verkeersvliegtuigen ook nog militaire vliegtuigen, helikopters, satellieten, raketten en wapensystemen. Boeing is zo nauw met de Amerikaanse overheid verweven dat het bedrijf hoe dan ook overeind zal worden gehouden.

Ik hoop dat zelfs, met verwijzing naar die 170.000 banen. Toch is Boeing wat mij betreft niet te groot om te falen. Sterker nog, Boeing faalt momenteel, in mijn ogen, verschrikkelijk. En dan heb ik het níet over het fatale gepruts met de 737 Max, maar over de manier waarop ceo Dennis Muilenburg – gezien zijn achternaam van Nederlandse komaf, naar te vrezen valt – op dat gepruts is afgerekend.

Meneer is er eindelijk uitgegooid.

En wat krijgt hij mee?

Een dikke stapel dagvaardingen, zou je hopen.

Maar nee, het is iets heel anders: ruim 100 miljoen dollar aan afkoopsommen, achterstallige bonussen en een aandelenpakket.

Boeing too big to fail?

Niet dus.

Als dit niet het morele failliet van het kapitalisme is, wat dan nog wel. Ik hoor het mijn grootvader grommen en ik grom met hem mee. Anders dan hij, wellicht, vind ik dat Dennis Muilenburg zelfs nog veel meer had mogen krijgen als hij van Boeing een sieraad voor de Amerikaanse maatschappij had gemaakt, qua veiligheid een voorbeeld voor de luchtvaart. Het tegendeel is het geval. Geschat wordt dat de 737 Max het bedrijf nu al 10 miljard dollar heeft gekost, exclusief claims wel te verstaan.

En dat is dan alleen nog het geld.

Op 29 oktober 2018 stortte Lion Air Flight 610, op weg van Jakarta naar Pangkal Pinang, in de Javazee. Alle 189 inzittenden kwamen om het leven en het toestel was een Boeing 737 Max, geplaagd door een defect besturingssysteem.

Op 10 maart 2019 stortte Ethiopian Airlines Flight 302, op weg van Addis Ababa naar Nairobi, nabij de stad Bishoftu in Ethiopië neer. Alle 157 inzittenden kwamen om het leven en het toestel was een Boeing 737 Max, geplaagd door een defect besturingssysteem.

Gevolg: de vliegtuigen van dat type moeten tot op de dag van vandaag aan de grond worden gehouden.

346 doden veroorzaken en dan een faalbonus van 100 miljoen toegestopt krijgen.

Hoe krijgen ze het in hun perverse harses.

Wat u, opa?


dinsdag 31 december 2019
Het halve Woord van het Jaar

Toch nog een primeur op de valreep: het Woord van het Jaar van het Genootschap Onze Taal begint met een streepje omdat het slechts een achtervoegsel is.

Het is een half woord: -schaamte.

Ik kijk ernaar en het doet pijn aan mijn ogen.

Akkoord, ‘t is altijd nog beter dan boomer, voor Van Dale het Woord van het Jaar. Die keuze begrijp ik nog steeds niet. Boomer is van oorsprong Engelstalig en zou wegens de snelle devaluatie ervan nooit voor de verkiezing in aanmerking zijn gekomen wanneer het arrogante sneeuwvlokje – sorry, pleonasme, maar ik laat het lekker staan – dat in het Nieuw-Zeelandse parlement minachtend ‘OK, boomer’ tegen een oudere collega riep die de lef had haar te onderbreken, haar uitspraak een half jaar eerder had gedaan.

Voor de goede verstaander betekent ‘OK boomer’ overigens ‘Hou je bek, ouwe lul’. Die duiding wil ik hier toch wel kwijt. Net als deze tip: gezien de miljoenen positieve reacties van de toekomstige powers that be, wereldwijd, op deze kreet van de jonge Nieuw-Zeelandse politica, en getuige het toenemende aantal gebeurtenissen waarbij senioren sindsdien op welke wijze dan ook het onderspit moeten delven, verdient het voor de ouderen onder ons aanbeveling zichzelf voor de komende jaren als Jack Wilson te bewapenen. Jack is de bejubelde man die zondag met zijn geweer voorkwam dat er een bloedbad in een Texaanse kerk werd aangericht. Het stuk gajes dat dit plan had opgevat werd gelukkig reeds nadat hij ‘slechts’ twee slachtoffers had gemaakt door de toegesnelde Wilson zelf afgeknald.

Enfin, -schaamte dus.

Ik vind het lelijk, met dat streepje ervoor. Het is een gehandicapt woord, dat nooit met een hoofdletter kan beginnen en structureel hulpverlening in de vorm van een voorvoegsel behoeft. Ik noem er enkele: klimaat, vlieg, gas, rook en vlees. In z’n eentje stelt -schaamte niks voor. En als dat voorvoegsel er wél voor is geplakt heeft het voor velen nog steeds weinig waarde, behalve wellicht voor de aanhangers van de klimaatkerk, de zwartekousendragers 2.0 die er net als hun Jessias nog altijd angstaanjagend vaak van overtuigd zijn dat leven bovenal lijden moet zijn.

“Jongeren zijn de meest calvinistische Nederlanders”, concludeerde godsdienstpsychologe Joke van Saane van de VU tien jaar terug al na een onderzoek onder gelovige landgenoten. “De strenge gelovigen voelen vaak schaamte, schuld, verlegenheid en wroeging.”

Er zijn parallellen, laat ik het daar, met verwijzing ook naar het Amsterdam Light Festival van dit jaar, op houden. Ik bekeek die lichtshow zondagavond per boot en het thema – DISRUPT! – was mij in de stad waar men nota bene de klimaatnoodtoestand ook al heeft uitgeroepen veel te zwartgallig.

Is boomerschaamte eigenlijk al geijkt?

En schaamteschaamte?

Door dat laatste word ík tegenwoordig vooral geplaagd.

Ik doe meteen ook maar een voorspelling: er zal bij mij geen, ik herhaal géén sprake zijn van 2020-schaamte.

Prettige jaarwisseling.

Reacties zijn gesloten.

send coins