Press "Enter" to skip to content

Telegraaf columns maart 2018

telegraaf columns maart 2018

R.I.P. John Fisher, ‘man lost at sea’

De TelegraafRob HooglandIn deze post zijn mijn Telegraaf-columns van maart 2018 verzameld. Ik denk terug aan John Fisher, de Brits/Australische zeiler die in de Volvo Ocean Race tijdens een storm overboord sloeg in de Zuidelijke Oceaan en niet meer werd teruggevonden in de vijf meter hoge golfen. Ik schrijf hoe de stigmatiseringsangst bij links ertoe heeft geleid dat men er extreemrechtse religieuzen omarmde, met onder andere het schandaal van Telford als resultaat. Verder: de tranen van Humberto Tan, het feit dat we er met Hugo Klynstra, de bastaardzoon van prins Carlos jr., een officiële prins bij hebben gekregen en de geruststellende wetenschap dat ik in oud-advocaat Frans Bakker eindelijk een medestander heb gevonden in mijn strijd tegen het Amsterdamse fietsgajes.

Klik op een datum in de tabel hieronder als u de column van die dag direct wilt lezen. Scroll anders naar beneden.

• donderdag 1 maart
• vrijdag 2 maart
• zaterdag 3 maart
• dinsdag 6 maart
• donderdag 8 maart
• zaterdag 10 maart
• dinsdag 13 maart
• donderdag 15 maart
• zaterdag 17 maart
• dinsdag 20 maart
• donderdag 22 maart
• zaterdag 24 maart
• dinsdag 27 maart
• donderdag 29 maart
• zaterdag 31 maart
.it

donderdag 1 maart 2018

Een lege huls, maar wel een lucratieve?

Wat ik mij dan weer afvraag: voelde onze nieuwe prins, toen hij hedenochtend door een beeldschone prinses wakker werd gekust, want zo plegen kersverse prinsen nu eenmaal te ontwaken, voelde hij zich toen Zijne Koninklijke Hoogheid prins Carlos Hugo Roderik Sybren de Bourbon de Parme, zoals hij zich thans officieel mag noemen, of toch weer gewoon Hugo Klynstra, zoon van een alleenstaande moeder uit de Achterhoek?

Ik weet nog dat een van mijn exen, als ik het mij goed herinner de zevende, de ochtend na de eerste huwelijksnacht voor de spiegel ging staan en riep: “Goedemorgen, mevrouw Hoogland!”

Binnen een paar maanden mocht ze zich alweer Poepjes noemen.

Of Van Houwelingen, daar wil ik vanaf wezen.

Ik bedoel maar.

Zal het Hugo tevens zo vergaan? Het feit dat hij in de adellijke stand is verheven nu hij zijn zaak tegen zijn biologische vader prins Carlos, zoon van prinses Irene, bij de Raad van State heeft gewonnen, levert hem in elk geval geen cent extra op. De experts struikelden gisteren over elkaar om het plebs daarvan te verzekeren.

Bovendien doet het er in Nederland niet zoveel meer toe of je van adel bent of niet. De nivelleringsdrift die dat volkje achter de noordwestelijke Noordzeeduinen al een halve eeuw beheerst heeft ook de afstand die er vroeger tussen de verschillende standen bestond doen verdwijnen. Eucalypta Ollongren is officieel ook een jonkvrouw. Verder borrelen de namen van Aletta de Savornin Lohmann en Madeleine de Cock Buning in mij op, eveneens nazaten van deftige dynastieën. Ook die mejoffers zouden Het Grote Linkse Gelijk het liefst bij elke burger door de strot willen duwen.

Ik wéét ‘t niet.

“In Nederland mogen we dan minder onder de indruk van titels zijn, maar vrijwel overal in Europa zijn mensen nog gek op adel. Een prins of een hertog, ook al is het er eentje zonder grond of macht, hebben ze daar graag in aanbevelingscomités en dergelijke. En daar willen ze dus ook voor betalen. Het is een lege huls – maar wel een lucratieve.” Dat zegt bijvoorbeeld Reinildis van Ditzhuyzen, wier kennis over het adellijke leven boven iedere twijfel is verheven. Reinildis verwacht dus wel degelijk een commissariaatje hier, een voorzitterschapje daar voor de nieuwe prins.

Zelf blijf ik echter twijfelen.

Ik zie Hugo rondlopen, naarstig speurend naar zo’n functie, op een adellijk kasteelfeest in den vreemde. Smoking gehuurd, schoenen gepoetst, die jongen wil toch goed voor de dag komen.

Het spijt mij voor hem, maar ik hoor de andere aanwezigen dan toch eerder dit achter de hand naar elkaar fluisteren: “Zie je hem daar? Ongewenste bastaard van een zoon van Irene, die wereldvreemde bomenfluisterares van de Oranjes, en van Carlos de Bourbon Parme, de loser die dacht dat hij wel even koning van Spanje kon worden. Dit is dus hun kleinzoon, die zelfs tot de hoogste instantie tegen zijn vader procedeerde om zich prins te kunnen noemen. Die kun je er maar beter niet bij hebben.”


vrijdag 2 maart 2018

“Emoties…” herhaalde de Bolk langzaam

Welja, die konden we er ook nog wel bij hebben in dit tranendal: de huilende talkshowhost.

Bij Humberto Tan gingen de sluizen open toen hij wereldkundig maakte dat hij er door RTL uit wordt geschopt.

En ik dacht: “Huh!?”

Ja, sorry hoor, ik ben van de jarenvijftiggeneratie die tranen onder die omstandigheden nog tracht weg te slikken. Niet dat het altijd lukt, integendeel. Er hoeft maar een Nederlands schaats-elfje van 51 kilo vijf kilometer lang over het olympische ijs te zweven, of ik ga al voor de bijl. Maar dat is de leeftijd. Tegenwoordig worden tranen ook door jongeren als de onmisbare lepel jus over de sudderlap van het bestaan beschouwd. Wie zijn emoties niet toont, is een onmens. Wij leven inmiddels in een angstaanjagend gefeminiseerde pampermaatschappij waar gevoelens belangrijker zijn geworden dan feiten en vaak zelfs doorslaggevend op het Binnenhof en in de rechtszaal. En de kwaal breidt zich uit gelijk de huidige griepepidemie. Nog even en in het Torentje huist ook zo’n genderneutraal type met een knotje en een nauwelijks volgroeide baard dat de wifi-zones van de binnenstedelijke horeca-etablissementen Macbookgewijs pleegt te terroriseren. U kent ze vast wel, die gasten: snikkend sturen zij hun Espresso Caramel Macchiato reeds terug als de barista een schokkend bewijs van altrechtse liefdeloosheid heeft geleverd door te vergeten een hartje in het melkschuim te creëren.

Ik zag dat Telegraaf-misdaadverslaggever Mick van Wely begripvol een hand op de schouder van de presentator van RTLLN legde, toen deze al snikkend het statement over zijn naderende afscheid aflegde.

Mick van Wely, of all people!

De man die zich dagelijks meedogenloos grijnzend een weg door overhoop geschoten lijken baant!

Ik ga een streng functioneringsgesprek met Mick aan en zal hem dan onmiddellijk herinneren aan de dag, eind vorige eeuw, dat ik Frits Bolkestein voor eeuwig in mijn hart sloot.

Wat de affaire inhield die de toenmalige liberale fractieleider moest becommentariëren weet ik niet meer, maar ik kan mij nog precies voor de geest halen hoe hij reageerde op de vraag van een verslaggever welke emoties hij op dat moment voelde.

“Emoties…” herhaalde de Bolk langzaam.

En hij slaakte een diep zucht.

Kijk, luister, moet je horen: ik vind het ook rot voor Humberto. Hij is een aardige gozert. Maar hij heeft zijn programma laten verslonzen. In den beginne vrat hij de NPO-concurrentie met huid en haar op. Gaandeweg werd Late Night te braaf, te licht, te voorspelbaar, te commercieel, te saai. Hij verloor er honderdduizenden kijkers mee. Voor mij zou dát het moment zou zijn geweest om in tranen uit te barsten. Maar daar had Humberto toen geen tijd voor. Hij moest schnabbelen.

Zal zijn opvolger Twan Huys zijn vertrek bij Late Night straks ook jankend aankondigen?

Tuurlijk niet.

Wie zo schaamteloos is om ‘s lands grootste crimineel een podium te bieden, kan niet eens huilen.


zaterdag 3 maart 2018

Vrije natuur bestaat niet in Nederland

Het verhaal, gisteren in deze krant, over de uitgehongerde dieren in de Oostvaardersplassen, leverde zomaar een aangenaam associatief beeld op: douchen in een fraai betegelde design badruimte in de buitenlucht terwijl een giraffe van bovenaf nieuwsgierig toekijkt.

Het geschiedde naast een bungalow in de Singita Ebony Lodge, een high end gameresort in het Kruger National Park in Zuid-Afrika. Vooral de vroege ochtenden op het verhoogde ontbijtterras, wanneer bij zonsopgang in de verte, in het tegenlicht, kuddes olifanten traag door oneindig laagland trokken, maakten het de mooiste plek waar ik ooit logeerde. De Big Five kunnen er per safari worden aanschouwd: de leeuw, de olifant, de luipaard, de buffel en de neushoorn. En ook, net als ontelbare andere dieren, de giraffe dus, hoewel de rollen nu waren omgedraaid: dit exemplaar stond míj te aanschouwen.

“Hé rare langnek!” riep ik, omhoog kijkend, vrolijk in mijn ingezeepte nakie. “Ik kan op twee poten staan en jij lekker niet!”

Met zoveel Hollandse domheid wenste de vijf meter hoge herkauwer blijkbaar niet langer te worden geconfronteerd. Giraffes hebben toch al een bloeddruk die driemaal hoger is dan die van de mens. Statig, arrogant bijna, vervolgde hij daarom maar zijn weg.

De Oostvaardersplassen zijn géén vrije natuur, betogen degenen die het ondanks de bezwaren van Staatsbosbeheer voor elkaar hebben gekregen dat de grote grazers die het momenteel, dankzij de kou, op die droge 2000 Flevolandse hectare zo zwaar te verduren hebben, nu toch worden bijgevoerd.

Vrije natuur bestaat niet eens in Nederland, stellen zij. Daar hebben zij een punt: de Oostvaardersplassen zijn nog maar enkele decennia terug door mensenhanden gecreëerd en ook de natuurontwikkeling wordt vanaf de vergadertafel gestuurd. Met die wetenschap in het achterhoofd – “Het is een grote dierentuin” – is het inderdaad verleidelijk de theorie te omarmen dat die beesten moeten worden geholpen.

Maar ja, ik volgde wél ooit, om mij moverende redenen, die cursus Faunabeheer. Ongeveer het eerste wat ik leerde was dat dieren, hoe hard het ook lijkt, zoveel mogelijk aan hun lot moeten worden overgelaten. Alleen de sterkste dieren blijven daardoor overeind, waarmee de overlevingskans van de soort toeneemt.

Waar vind je het nog wél, vrije natuur?

In het Kruger National Park?

Ook daar zijn her en der hekken geplaatst die een onbelemmerde gang van de dieren voorkomen.

Dat je de mens trouwens óók als onderdeel van de vrije natuur zou kunnen beschouwen, bewees de oude luipaard die wij, als gasten van de Singita Ebony Lodge, behoedzaam in een jeep volgden. Wij behoorden inmiddels tot zijn dagelijkse ritueel. Op zoek naar een prooi liep hij vlak voor ons uit. En wat deed hij als wij in zijn ogen iets te ver achterbleven? Omkijken en brullen. Alsof hij zeggen wilde: waar blijven jullie nou, ik heb niet de hele dag de tijd.

Moeilijk hoor, zo’n kwestie.

Eén ding staat vast: dáár vriest het nooit.


dinsdag 6 maart 2018

Spannende meid, die Steffie Blok

Je mag het dankzij Harvey Weinstein niet meer zeggen, maar ik doe het lekker toch: spannende meid, die Steffie Blok. Verblikt of verbloost niet, zegt weinig, heerlijk. Als ik lid van een besloten WhatsApp-groepje was zou ik daar roepen dat zulks in het geval van vrouwen een verademing is. Maar ik zweer het je, zodra zij de gordijnen dicht trekt moet je hopen dat de slaapkamermuren geluidsdicht zijn.

Pardon?

Nee, echt waar?!

Is onze nieuwe minister van Buitenlandse Zaken dan toch Stef Blok, de droogstoppel die in het vorige kabinet Wonen & Rijksdienst deed en ook nog even de boel bij Justitie aanveegde? Die reeds op 24-jarige leeftijd directeur van een ABN/Amro-filiaal in Nieuwkoop werd?

Ik weet niet wat ik hoor!

Ja, sorry hoor. Ik las laatst toch echt dat Mark Rutte als opvolger van Halbe Zijlstra een vrouw prefereerde. Op zich best opvallend. Niet lang daarvoor had de premier laten weten dat hij liever voor kwaliteit ging dan voor gender. Hoe dan ook: kom er maar in, Jeanine, dacht ik. Want je kunt veel van Jeanine Hennis zeggen, maar niet dat ze geen vrouw is. Ook hier snoert Harvey Weinstein mij verder de mond. Ik realiseerde mij natuurlijk best wel dat Mark óók breed lachend ‘Dat zou een goed idee zijn’ zou hebben geantwoord als hem de vraag was gesteld of het niet tijd werd om een Somalische struisvogel als bewindspersoon te benoemen. Maar hier kon hij volgens mij niet meer onderuit.

Wel dus.

Het werd Stef Blok.

Ook een soort struisvogel, maar toch anders.

We krijgen nu een minister van Buitenlandse Zaken die na het uitzwaaien van Rutte II pertinent verklaarde dat hij niet, hij herhaalde: níet in het volgende kabinet zou terugkeren omdat hij stellig van plan was ‘iets tussen het bedrijfsleven en de politiek in’ te gaan doen, en die eerder al liet doorsijpelen dat hij a. niet veel van buitenlandse zaken weet, en b. niet zo dol op reizen is.

Zou het vermogen om goed te kunnen jokken misschien een voorwaarde zijn voor het bekleden van dat ambt?

Dat wordt gezellig, met Sergej Lavrov.

“Wanneer komt u langs, meneer Blok? De afspraak met uw voorganger Zijlstra moest op het nippertje worden afgezegd nadat hij een ontmoeting met kameraad Poetin bij elkaar had gefantaseerd. Ik zou u daarom willen ontvangen om enige misverstanden uit de weg te ruimen.”

“Komt u maar naar Nederland, meneer Lavrov.”

“Huh!?”

“Ik houd niet zo van reizen.”

Het zal vast wel het landsbelang zijn geweest, wat Stef Blok over de streep trok.

Maar ja, dat schijnt Alexander Pechtold ook zo bezig te houden, met zijn paniekerige gewauwel van de laatste tijd.

“Omdat we bij Wilders te laat waren, moeten we bij Baudet op tijd zijn”, durfde hij tegen Rick Nieman te zeggen.

Alsof hij het over een enge ziekte had.

Dat beroep op het landsbelang is dus nogal aan inflatie onderhevig.


donderdag 8 maart 2018

In oprichting: Amsterdam Fietsvrij

Eindelijk! Een medestander! En wat voor een!

“Oud-advocaat Frank Bakker is de Amsterdamse fietsjungle zat en dagvaardt de burgemeester”, meldde de Volkskrant.

Tranen van vreugde, ontroering en dankbaarheid biggelden over mijn wangen.

Of ik mij de laatste tijd onbegrepen voelde, verweesd, in de steek gelaten? Wis en waarachtig. De laag eelt op mijn ziel heeft in de loop der jaren weliswaar de dikte van de ijskap op het Antarctica van ver voor Al Gore’s An Inconvenient Truth gekregen, maar mijn eenzaamheid was soms ondraaglijk.

Joh. 1:23: “Ik ben de stem des roependen in de woestijn.” Wanneer er weer eens een cursiefje over het totale wangedrag van het Amsterdamse fietstuig uit mijn pen was gevloeid, moest ik vaak aan die bijbelse uitspraak van Johannes de Doper denken. Kritiek op de fietser was in 020 heiligschennis. Natuurlijk kreeg ik wel eens een schouderklopje. Natuurlijk voegde iemand mij soms in de kroeg toe dat het inderdaad de spuigaten uitliep. Natuurlijk bleef mijn vrouw, die lieverd, benadrukken dat ik groot gelijk had. Maar mijn eigen Inconvenient Truth was dat publiekelijke steunbetuigingen uitbleven en ik in plaats daarvan reacties voor mijn kokosnoot kreeg als die van D66-raadslid Jan-Bert Vroege, die dan beweerde dat de fietser nog veel méér vrijheid moest krijgen.

Ik twijfelde  zelfs aan mezelf.

Was ik misschien gepreoccupeerd?

Reden die hufters soms níet steeds over de trottoirs, door het rode licht, over drukbevolkte zebrapaden, zonder voor- en achterlicht, tegen de verkeersrichting in, de armen nooit en te nimmer gebruikend wanneer zij moesten afslaan, append en bellend en vloekend en tierend en middelvingers opstekend naar alles en iedereen? Waren, bijvoorbeeld, de talloze straatopnamen die met name Amerikanen van die misdragingen maakten gemanipuleerd?

Ik wist dat het feit dat de overgrote meerderheid van de Amsterdamse gemeenteraad zichzelf per rijwiel pleegt te verplaatsen mede ten grondslag ligt aan de wegkijkerij der autoriteiten. Ik wist ook dat ik van mijn hoofdstedelijke medecolumnisten geen steun hoef te verwachten. De Holmannetjes, de Pammetjes en de Wittemannetjes zijn eveneens fietsers. Handhaving van de openbare orde op dit gebied komt hen niet zo goed uit. Zij willen hun eigen glazen niet ingooien en leggen de schuld van de chaos, die dagelijks tot tientallen ongevallen leidt, daarom vaak bij onschuldige buitenlandse toeristen. Ik wist dat allemaal, maar werd af en toe toch door gevoelens van onzekerheid overmand.

Nu, echter, blijkt eindelijk dat ik toch niet alleen sta in mijn strijd.

Frank Bakker (“Mijn vrouw en ik hebben de afgelopen jaren talloze kleerscheuren en blauwe plekken opgelopen dankzij fietsers die ons op stoepen en zebra’s van de sokken reden”) spande gisteren een kort geding aan tegen burger numero 1 wegens ernstige plichtsverzaking.

Zullen we samen een partij oprichten, mr. Bakker?

Naam: Amsterdam Fietsvrij.


zaterdag 10 maart 2018

Nooit wijken voor gajes

De brutalen hebben inmiddels veel meer dan de halve wereld. Zie Ralph Hamers, de ING-graaier. Steek anno 2018 je middelvinger naar de maatschappij op en de beloning volgt spoedig.

Ik noem nog een Nederlands voorbeeld, ditmaal in de vorm van een groep dolle voetbalsupporters: die van de Kingside van Willem II. In zijn volkomen mislukte verklaring inzake de bizarre loonsverhoging voor ceo Ralph Hamers haalde Jeroen van der Veer, president-commissaris van de ING, de eredivisie er ook al bij, dus ik voel mij bij voorbaat geëxcuseerd.

De Kingside is een tribune in het stadion van Willem II, de eredivisionist die een moeilijk seizoen doormaakt. Op die tribune verzamelen zich steevast de fanatiekste fans. P.F. Thomese beschrijft de Willem II-aanhangers uiterst humoristisch in zijn formidabele J. Kessel-boeken, maar het gedrag van deze fans kenmerkt zich door onfatsoen en onverdraagzaamheid. Mede dankzij die karaktertrekken kregen zij het deze week voor elkaar dat coach Erwin van de Looi voortijdig opstapte.

Zij eisten zijn vertrek onder het uiten van dreigementen.

En hij ging.

“De supporters steken te veel energie in Erwin van de Looi in plaats van in het steunen van de ploeg” aldus de trainer zelf op de website van Willem II. “Dit helpt het team zeker niet in de komende, beslissende fase. Daarom heb ik deze moeilijke en voor mij zeer teleurstellende beslissing genomen.”

Zo ver is het dus al gekomen: een zooitje eencellig tuig, behorend tot een minderheid, wenst dat de trainer vertrekt, en krijgt zijn zin.

Misschien was het naïef van mij, maar mede dankzij de adequate reactie van de leiding van Go Ahead Eagles nadat het veld in Deventer tijdens de wedstrijd tegen De Graafschap door buitengewoon agressieve supporters was bestormd – deze idioten werd direct de toegang tot het stadion voor eeuwig ontzegd – had ik zo gehoopt dat het bestuur van Willem II het ontslag van Van de Looi zou hebben geweigerd met de verklaring dat nooit aan de druk van dit soort onbeschofte hufters zou worden toegeven.

Zou het komen doordat ik een paar dagen eerder Darkest Hour zag, de film over de meidagen van 1940 waarin de grote Winston Churchill het na de Duitse invasie in Europa voor het zeggen kreeg in Groot-Brittannië? Weergaloos vertolkt door Gary Oldman – hij won er een Oscar mee – geeft Churchill leiding aan een oorlogskabinet, waarvan de leden Neville Chamberlain en Lord Halifax, op het moment dat 300.000 Britse soldaten bij Duinkerken door de Duitsers in het nauw zijn gedreven, geneigd zijn met Adolf Hitler te gaan onderhandelen.

Churchill wijkt niet.

“Je onderhandelt niet met tuig”, stelt hij.

En hij wint.

Nooit wijken voor gajes: keer op keer heeft de geschiedenis bewezen dat er geen alternatief voor bestaat.

Ik herinner mij ook de gang van zaken bij NEC, vorig jaar, en stel vast dat het tijd is dat dat tevens tot de voetbalwereld doordringt.


dinsdag 13 maart 2018

Daar staan jullie dan, met die MeToo-woede

Gelezen, maandag, over de verschrikkingen in Telford? Het verhaal van correspondent Joost van Mierlo stond op pagina 12. Van mij had het op pagina 1 mogen staan, met ouderwetse chocoladeletters.

Het is de Dutroux-affaire, maar dan erger. Veel erger. Het is een ongeëvenaard schandaal, dat al jaren wordt gedownplayed, weggemoffeld, verdoezeld. En waarom? Omdat de daders in grote meerderheid moslims zijn, over wie de zielenpootkwekers ter linkerzijde het absurde standpunt hebben ontwikkeld dat zij ten koste van alles dienen te worden beschermd.

Zo laf dit, zo ziek.

En het effect?

Averechts.

Hier wordt werkelijk de bijl aan de wortels van de westerse beschaving gelegd als gevolg van het feit dat er voor deze downplayers, wegmoffelaars en verdoezelaars iets nóg ergers bestaat: toegeven dat het morele gelijk waarop zij het alleenrecht meenden te hebben helemaal niet het hunne is. Sterker nog: dat degenen die zij genadeloos en meestal zonder steekhoudende argumenten tot extreemrechtse islamofoben hebben verklaard, met soms verstrekkende persoonlijke gevolgen voor die mensen, dat morele gelijk eerder kunnen claimen dan zij.

En dus géven zij het gewoon niet toe.

Die krankjoreme omarming en verdediging van de ultrarechtse, meestal verre van democratische, hier en daar zelf extreem fascistische moslimwereld: je ziet het overal, ook in Nederland. De Franse Marokkaanse Zineb Al Rhazoui, die de aanslag op Charlie Hebdo overleefde en sindsdien zwaar moet worden bewaakt, sprak gisteren in de Volkskrant niet voor niets over “linkse politici die universele mensenrechten liever opgeven en paternalistisch opkomen voor islamisten.”

Toch, Rotterdam?

Bij dit Britse schandaal zie je het wel héél erg.

De gruwelen, waarbij in de loop der jaren alleen al in Telford tenminste duizend meisjes en jonge vrouwen op grote schaal zijn gegijzeld, met drugs bedwelmd, verkracht en als gevolg daarvan soms bezwangerd, is tot nu toe zo veel mogelijk door de autoriteiten verzwegen. Men beweert ook dat er meisjes zijn vermoord en er worden inmiddels tien andere Engelse plaatsen genoemd waar jarenlang soortgelijke affaires hebben plaatsgevonden. In Rotherham is de zaak waarschijnlijk nog veel groter. En overal doemt hetzelfde beeld op: de daders zijn afkomstig uit de moslimgemeenschap.

Ja ja, deugers, daar staan jullie dan, met die MeToo-woede.

Met jullie wel heel selectieve verontwaardiging dus.

De voornaamste reden dat de autoriteiten – de stadsbesturen, politie en justitie, vaak gesteund door de politiek en de linkse media – al die affaires uit alle macht toedekten?

“Angst dat de acties van het politiekorps racistisch zouden worden genoemd”, aldus Joost van Mierlo.

Een andere reden lijkt mij dat die autoriteiten reeds flink door islamisten zijn geïnfiltreerd.

Soms denk ik echt dat het te laat is.

Zo laf dit, zo ziek.


donderdag 15 maart 2018

Totaal doorgeslagen stigmatiseringsangst

Dat ik reeds een tijdje, meestal kwispelend, door het bestaan dartel, bewijst alleen al het aantal keren dat ik de lantaarnpaal die door deze rubriek wordt gevormd tot nu toe van mijn plasje mocht voorzien: dik 7.500 maal (450 x 7.500 = 3.375.000 woorden, pfff).

Nog nooit, evenwel, echt nog nooit, kreeg ik zoveel reacties als op mijn rubriek van dinsdag, waarin het massale misbruik van meisjes en jonge vrouwen in verschillende Britse steden – “Het is erger dan de affaire-Dutroux”, schreef ik – centraal stond.

Het waren er vele honderden.

Meer dan 99% van de reacties was instemmend.

Het houdt de lezers nogal bezig, zo bleek weer eens, misschien wel omdat ze beseffen dat de politieke correctheid die ten grondslag ligt aan het feit dat de autoriteiten in die steden jarenlang hebben getracht de gijzelingen, bedwelmingen met drugs, verkrachtingen en in enkele gevallen zelfs moorden zoveel mogelijk toe te dekken, ook hier in Nederland het beleid danig beïnvloedt. Ik zeg niet dat onze bestuurders, justitie en politie dit soort gebeurtenissen net zo schandelijk als hun Britse collega’s proberen te maskeren, maar dat men de zaken hier óók rooskleuriger dan de werkelijkheid poogt voor te stellen staat voor mij vast.

Die totaal doorgeslagen stigmatiseringsangst?

Iedereen ziet het.

Wat de sociologische verklaring ook moge zijn, het waren voor het grote merendeel moslims die de wandaden in Telford, Rotherham en die andere Britse plaatsen voor hun rekening namen. Een enkele hardnekkige mevrouw nam het mij op Twitter kwalijk dat ik daarop wees. Maar hoe moest ik dan illustreren dat de autoriteiten de kluit met hun cover-ups belazerden? Uit angst om van racisme beschuldigd te worden erover zwijgen, zoals zij behalve wanneer het niet anders kon deden, werkt niet. Het heeft zelfs een averechts effect. De burger is niet blind. Hij kijkt om zich heen en wordt weerspannig wanneer de boven-ons-gestelden hem op de mouw proberen te spelden dat het niet klopt wat hij ziet.

En hoe komt dat? Door het meest krankzinnige verbond dat de afgelopen halve eeuw in West-Europa werd gesloten: dat tussen progressief links, waarvan de oerpartij nota bene mede dankzij een vurig verlangen naar een seculier bestaan ontstond, en de islamitische nieuwkomers, die zelfs indien zogenaamd verlicht veelal ultrarechtse religieuze standpunten huldigen.

Links herkende in deze conservatieven de nieuwe verworpenen der aarde, wilde hun stemmen dolgraag hebben, gunde ze in de loop der jaren tal van beleids- en bestuursfuncties en weigert nog steeds te erkennen dat deze samensmelting zolang Allah zo vaak voorrang krijgt gedoemd is te mislukken, zoals electoraal trouwens reeds is bewezen. Sterker nog, het nieuwe taboe dat links in de loop der jaren in het leven riep, dat op islamkritiek, achten zij nog steeds van kracht.

En nu zit de maatschappij – zie Telford – met de gevolgen opgescheept.

Dat gekwispel en gedartel kost mij eerlijk gezegd steeds meer moeite.


zaterdag 17 maart 2018

Wanneer. Houdt. Dit. Op?

Precies, Tsjerkebuorren. Heel terecht dat je het noemt. Waarom heeft Tsjerkebuorren, nabij Easterwierrum zoals iedereen weet, ten westen van Grou maar let wel: níet aan het Pikmeer, waarom heeft Tsjerkebuorren nog steeds geen milieuzone?

Ik fietste er laatst doorheen, groette de veldwachter, zwaaide naar de geduldig schoffelende plantsoenarbeider, stak mijn middelvinger op naar Rinske de dorpsgek, realiseerde mij dat ik daarmee reeds aan de halve bevolking van Tsjerkebuorren voorbij was getrokken en begon ineens te hoesten.

Fijnstof!

Uitgestoten door die oude Ferguson TEF 20 Diesel tractor van boer Wopke Wopkema natuurlijk!

En géén milieuzone daar!

Sorry hoor, voor dit begin. Zit je net je zaterdagse eitje te pellen, drie minuten gekookt dus voorzichtigheid geboden, begint die oervervelende nadruppelaar op pagina 5 je zomaar dood te gooien met van Google Maps gejatte Friese plaatsen. Maar geloof me: er ligt een moedeloosheid van angstaanjagende proporties aan ten grondslag. Niet doordat Koffietijd op het idee kwam gisteren tot Dag van de Vagina uit te roepen. De vagina is weliswaar ook een soort milieuzone en bovendien borrelde in mij al snel de depressies bevorderende slogan Benen wijd in Koffietijd op. Maar het had een andere reden: het nieuws waaruit bleek dat het oerwoud aan milieuzones in Nederland ondoordringbaar is geworden.

Nu Maastricht weer.

“Diesels van voor 2006 en benzinemotoren van voor 1990 komen de binnenstad van Maastricht vanaf 2019 zonder milieuvignet niet meer in”, las ik. “Ook wordt bekeken hoe vervuilende brommers en motoren geweerd kunnen worden.”

Wat zegt het regeerakkoord? Dat er voor de milieuzones landelijke richtlijnen komen. En wat doen, tot grote ergernis van diverse kamerleden, buurtschappen als Utrecht, Amsterdam, Rotterdam, Arnhem, Nijmegen en Maastricht, plus alle gehuchten die nog dreigen te volgen? Zij blijven hardnekkig lokale zones met elk hun eigen bepalingen in het leven roepen. De automobilisten onder ons zien door de bomen het bos niet meer. Hier wordt een diesel van voor 2004 verboden, daar een benzineauto van voor 2001, verderop vracht- en bestelwagens van voor 2006 en elders gelden wéér andere maatregelen.

Wanneer. Houdt. Dit. Op?

Nooit, echt nooit, besef ik, de drammerige groene Nederlandse regent kennende, behalve misschien wanneer zich eindelijk weer een VOC-mentaliteit van onze Binnenlandse Strijdkrachten meester maakt en de lokale sneuneuzen die stuk voor stuk likkebaardend van machtswellust aan het hoofd van hun eigen koninkrijkje denken te staan, via een korte maar krachtige coup een kopje kleiner worden gemaakt.

En ze helpen dus niet, hè, die milieuzones.

Het waait hier namelijk nogal.

Ik ga lekker op Klong Muang Beach wonen, zo ver mogelijk weg.

Dat het dus ook niet in de nabijheid van Tsjerkebuorren ligt, neem ik op de koop toe.


dinsdag 20 maart 2018

In China ben je helemáál de sjaak

En wij de laatste tijd maar stechelen over de Sleepwet, de Inlichtingenwet, de Aftapwet, de WIV, of weet ik veel hoe we het nieuwe afluisterreglement moeten noemen.

Als we het toch zo nodig over de privacy van de individuele burger willen hebben, sta mij dan óók even toe te wijzen op wat er in het China van Xi Jinping gaande is.

Oké, we mogen morgen net doen alsof we over het introduceren van die nieuwe wet meebeslissen. Wanneer we ons bij het stembureau vervoegen om in het kader van de gemeenteraadsverkiezingen het vakje achter de naam van Leefbaar Noordergat-vertegenwoordiger Baauwke Biggema rood te kleuren omdat hij net als ons van mening is dat de Hooivorksteeg voor tractorverkeer geopend moet blijven, kunnen we ons tegelijkertijd voor of tegen deze uitbreiding van de AIVD-bevoegdheden uitspreken. Zo onbegrijpelijk is het dus ook weer niet dat de media ons nu doodgooien met explicaties aangaande inhoud en consequenties van die wet. Ze willen dat we het snappen.

Ik snap het inmiddels en zal tegenstemmen, al besef ik dondersgoed dat koningin Kajsa mijn oordeel, indien het tot de meerderheid blijkt te behoren, achteloos terzijde zal schuiven: inspraak is zó 2017. Maar ik ben nu eenmaal een overtuigd aanhanger van de libertarische stelling dat de vrijheid van het individu, ondanks de maatschappelijke risico’s die deze stelling met zich meebrengt, zo uitgebreid mogelijk dient te zijn. Om die reden maak ik toch gebruik van de mogelijkheid die mij morgen geboden wordt.

Goed, China dus.

Daar ben je namelijk, als individu, helemáál de sjaak.

Ruben Terlou liet het al in een van de afleveringen van zijn prachtige documentaireserie Door het hart van China zien: de persoonlijke vrijheid van de Chinees wordt meer en meer ingeperkt. Zeker in de grote steden is het zelfs nagenoeg onmogelijk geworden onbespied te functioneren. Lang leve de digitale revolutie, maar niet heus: welke uitspraken je doet, wat je koopt, hoe je je in het verkeer gedraagt, met wie je zowel op de sociale media als op straat omgaat, noem maar op, werkelijk alle gegevens over je worden op last van de overheid verzameld en opgeslagen. Het zal uiteindelijk leiden tot een ’sociaal kredietsysteem’, waarmee de almachtige staat de betrouwbaarheid van de burger meent te kunnen beoordelen. En aan de hand daarvan zal Xi Jinping, de man die zich onlangs tot president voor het leven liet benoemen, bijvoorbeeld gaan bepalen of jij al dan niet met de trein en/of het vliegtuig mag reizen.

Kan het enger?

„Een retourtje Sjanghai graag.”

„Vergeet het maar, kameraad.”

„Hoezo?”

„Je hebt op 12 juni 2019 je telefoonrekening een dag te laat betaald.”

Het heropvoedingskamp is andermaal niet ver weg.

Laat ik voorlopig, als ik de wet waarover wij morgen iets mogen zeggen wil becommentariëren, dus maar niet naar Orwell’s 1984 verwijzen.

In Peking kijkt Big Brother al veel nadrukkelijker toe.


donderdag 22 maart 2018

Ben ik nog wel geschikt voor mijn vak? 

“Ligt u wel goed, meneer? U maakt zo’n gejaagde indruk. Of is mijn sofa soms te hard?”

“Nee, nee, dokter, het ligt aan mij. Er is mij iets verschrikkelijks overkomen en daar ben ik nu heel nerveus van. Ik vraag mij zelfs af of ik de pijp aan Maarten moet geven.”

“Wat overkwam u?”

“Het begon dinsdagavond. Er zou weer een lijsttrekkersdebat op de tv zijn. Het zoveelste, maar ik moest er uit hoofde van mijn functie naar kijken. Dat wordt nu eenmaal van een columnist van mijn statuur verwacht. Maar ineens, van het ene op het andere moment, kon ik het niet meer. Ik kon die smoelen niet meer aanzien en dat gewauwel niet meer aanhoren. De tv bleef uit. Terwijl tout opiniërend Nederland aan de buis gekluisterd zat, herlas ik De Tao van Poeh. Het Ongekerfde Blok, het Tingele-Klingele-Bingele-Bel-Principe, de Winnie de Poeh-manier om het taoïsme te doorgronden.”

“Ik weet eigenlijk niet of dat wel zo erg is.”

“Natuurlijk is dat erg, dokter. Ik ben nota bene een opiniemaker van een grote krant. Maar ik kon domweg geen weerstand bieden aan de verleiding om niet te kijken. Het gaat hier om gemeenteraadsverkiezingen, ja!? dacht ik. Om de vraag of het Notaris Swendelaer-plantsoen al dan niet voor fietsverkeer moet worden afgesloten. Of de dorpelingen van Wissewasseheuvel nog langer hondenbelasting willen betalen. Of het lokale zwembad van Noordergat ‘s ochtends een uurtje eerder open kan. Dáár gaat het bij dit soort verkiezingen om. Leren die landelijke kopstukken het dan nooit? En leren de tv-makers die hen steeds weer uitnodigen het nooit? Dat dacht ik allemaal. De tv ging niet meer aan, dinsdagavond. En toen ik de volgende ochtend via Twitter enkele fragmenten terugzag, voelde ik mij daar alleen maar door gesterkt. Daar schaam ik mij nu te barsten voor.”

“Noemt u eens zo’n fragment.”

“Pechtold die bij Humberto reageert op een aanval van Wilders, die over zijn gratis verworven flat in Scheveningen was begonnen. ‘Wilders woont stukken mooier’, zei hij. Hoe krijg je zoiets uit je strot over een collega die al tien jaar lang zwaar beveiligd van safehouse naar safehouse moet worden vervoerd? ‘Het heeft zo’n jarenzeventigkeukentje’, smaalde hij bovendien over dat appartement. Je zult, als kijker, maar een jarenzeventigkeukentje hebben. Het gevolg was dat de dag van de verkiezingen mij óók gestolen kon worden. Ik heb trouw gestemd hoor, dat nog wel. Maar in de overtuiging dat de lokale partijen dankzij dit soort landelijk kopstukkengeklungel nog meer zetels dan vier jaar terug zouden veroveren, interesseerde het mij verder geen bal meer. De tv ging wel aan, woensdagavond, maar dan op Netflix. Humanity van Ricky Gervais. Ik heb mij rot gelachen en geen moment de neiging gevoeld om de verkiezingsuitslagen te checken. Zeg het mij, dokter: ben ik nog wel geschikt voor mijn vak? Dergelijk plichtsverzuim kán helemaal niet!”

“Het kan heel goed, meneer. Volgens mij bent u zelfs kerngezond. U wel.”


zaterdag 24 maart 2018

Wij zijn definitief een watjesnatie geworden

Welja, dat restzetelcadeautje konden we er ook nog wel bij hebben: geen drie, maar vier zetels voor Denk in 010.

Hapje voor hapje peuzelt dat ultrarechtse relischorem de Nederlandse taart op.

Voortdurend tracht ik mezelf op de mouw te spelden dat de opmars der Erdoganisten nog beheersbaar is. Dat het feit dat de Jesse Klaver-adeptjes bij de gemeenteraadsverkiezingen de macht hebben gegrepen een aanzienlijker probleem is, met grote gevolgen voor onze economie en leefwijze. Om nog maar te zwijgen over de aanslag die met die machtsgreep wordt gepleegd op ons vermogen om nepnieuws te herkennen.

Al die lokale milieuzones, bijvoorbeeld, bieden geen enkel soelaas zolang ze geen onderdeel vormen van een nationaal, of beter nog internationaal plan van aanpak. Zo’n stofdeeltje denkt echt niet: “Hè, verdorie, een milieuzone, het waait hartstikke maar ik ga de andere kant op.” En toch zullen ze ons nog fanatieker dan voorheen, aan de hand van cijfers die voor de nuchteren onder ons voor meerderlei uitleg vatbaar zijn, proberen wijs te maken dat we er een schonere stad voor terugkrijgen.

Ergerlijk, dat peperdure milieuhobbyïsme.

En dan heb ik het nog niet eens over de andere gevolgen gehad.

We zijn dankzij deze coup definitief een watjesnatie geworden, waar iedereen die volgens de zelfbenoemde deugcommissie niet behoort tot het kapitalistische, racistische, fascistische, diversiteit en vrouwenrechten hatende bozewittemannenbolwerk dat de dienst zo lang uitmaakte, kan scoren met een grote bek. Dan deinzen de nieuwe machthebbers, waarschijnlijk net bezig aan hun wekelijkse cursus mindfullness, wél onmiddellijk terug. That’s not their cup of mint tea. En let maar op: daar gaan clubs als Denk misbruik van maken. Zij zullen de ene na de andere provocatie op ons loslaten. Gisteren begon dat al toen de Amsterdamse Denk-lijsttrekker Taimounti glashard pleitte voor het subsidiëren van salafistische organisaties.

Iedereen weet dat het hier om islamisten gaat, grotendeels Erdogan-marionetten. Iedereen weet dat veel imams, maling hebbende aan de scheiding tussen kerk en staat, hun volgelingen verordonneerden op Denk te stemmen. Iedereen weet welke illegale handelingen in stemlokalen waar men veel Turken verwachtte werden verricht. Iedereen weet hoe Kuzu en zijn trawanten Turkse Nederlanders voorafgaande aan de verkiezingen appten met misleidende boodschappen. Iedereen weet dat Denk-stemmers zich in meerderheid geen Nederlanders (mogen) voelen. Iedereen weet dat die meerderheid maar één leider erkent: de dictator Reçep Tayyip Erdogan.

Iedereen weet ook hoe het verhaal, uit de Griekse mythologie, over het Paard van Troje verliep.

Dat zo weinig Nederlanders zich desondanks druk maken over de opmars van de verraaiers van Denk, vind ik daarom een nog groter probleem dan de bakfietsrevolutie van woensdag.

Die ene zetel extra in 010 irriteert mij mateloos.


dinsdag 27 maart 2018

Joehoe, wetsontwerpers, eindelijk wakker?

Ah, daar is-ie weer, de sjeik. De man van de twee gedaanten: die van een schaterende skippybal wanneer hij een tv-camera op zich gericht weet en die van een haatzaaiende ongelovigenverdelger wanneer hij zijn kudde toespreekt.

Jekyll & Hyde op z’n muzelmans: Fawaz Jneid.

“O God, bezorg de hersenen van Ayaan Hirsi Ali een kanker. O God, bezorg haar een tongkanker.”

De imam van deze zo liefdevolle uitspraak inderdaad.

Onder andere.

Jazeker, zijn Haagse gebiedsverbod is met een half jaar verlengd. Stoer hoor. Maar thuis kan de sjeik, via Facebook, óók alle grenzen overschrijden. En dat doet hij naar hartelust, ditmaal door Ahmed Aboutaleb openlijk als afvallige te bestempelen. Vijand van de islam, een belediging voor de salafisten. Enthousiast bijgestaan door de collega’s Abelhamid Ainalhayat (Helmond) en Elalami Amaouch, een andere Haagse haatimam die België werd uitgezet maar hier nog ongestoord de mimbar mag beklimmen, gebruikte de prediker die woorden om de burgemeester van 010 te karakteriseren.

En wat betekenen dergelijke veroordelingen in het jihadistenwereldje?

Juist.

Goedbeschouwd vaardigden de heertjes dus een doodvonnis uit.

Joehoe, Binnenhofse wetsontwerpers, zijn we nu eindelijk wakker? Nog lang niet allemaal, hè? Ja, een enkeling die het gebouw inmiddels heeft moeten verlaten: Keklik Yücel, die deze week twitterde dat haar PvdA jarenlang de fout heeft gemaakt geen sociaaldemocraten uit migrantengemeenschappen te selecteren, maar islamitische conservatieven. Aan de godsdienstvrijheid wil men echter nog steeds niet tornen, met als resultaat een serieuze opmars, in het ooit zo vrijgevochten Nederland, van de extreemrechtse politieke islam. Alle lichten staan op rood, getuige ook de successen van Denk en het feit dat raadszetels van andere partijen, op basis van voorkeurstemmen, eveneens plots door Turken worden ingenomen. Dat er serieuze pogingen worden ondernomen om ons te islamiseren kan nauwelijks nog worden ontkend, maar voor beleidsbepalend Nederland staan de lichten gewoon op groen.

Niet alleen voor beleidsbepalend Nederland trouwens.

Ook voor opiniërend Nederland.

Ik sloeg gisteren de Volkskrant open en zag een stuk van Thomas von der Dunk staan, u weet wel, de sjeik van het leerfetisjisme, die mallerd met die Eucalypta-stem, die subiet met het hoofd naar beneden van de hoogste toren zou worden gegooid indien types als Jneid hier aan de macht kwamen.

“Links verbond tegen rechtse vloedgolf”, stond er in de kop.

“Thommie verklaart Keklik Yücel de liefde!” dacht ik even.

Niet dus.

Laatste regel: “Boven het narcisme van de onderlinge verschillen moeten GL, SP en PvdA zoeken naar wat hen bindt, want anders helpt ook Klavers winst ons bitter weinig vooruit.”

Ja, echt: ons.

Ik hoorde die andere sjeik, in Den Haag, alweer bulderen.


donderdag 29 maart 2018

Het dakhout maakt als kreunend want misbaar

Waar ik mij ook bevind, wat ik ook uitvoer, ik raak maar niet verlost van gedachten aan John Fisher, man lost at sea.

In de zevende etappe van de Volvo Ocean Race van Auckland (Nieuw-Zeeland) naar Itajai (Brazilie) sloeg de 47-jarige Fisher als bemanningslid van team Sun Hung Kai/Scallywag na een onbedoelde gijp overboord. Een zware storm stuwde de golven in dat onbegrensde deel van de Zuidelijke Oceaan tot vijf meter hoogte. Mede daardoor kon de Brit, die zijn overlevingskleding inclusief zwemvest had aangetrokken, tijdens een wanhopige, urenlange zoektocht niet meer worden gelokaliseerd.

Het moment dat schipper David Witt moest besluiten om de reddingspoging te staken en koers te zetten naar Chili, moet voor hem en zijn bemanningsleden, onder wie de Nederlandse Olympische zilverenmedaillewinnares Annemieke Bes, verschrikkelijk zijn geweest. Iedereen zal nu het gevoel hebben dat ze ‘Fish’ in de steek lieten.

Man lost at sea, heet het inderdaad in scheepvaartjargon.

Zo dramatisch.

En toch ook zo fascinerend.

Iedereen heeft zo zijn redenen om zijn hart aan de zeilsport te verpanden. Rietzeilen met de V797 op het Alkmaardermeer, een halve eeuw terug: dat was voor mij al genoeg om mij dusdanig door het virus te pakken te laten nemen dat ik de Volvo Ocean Race elke twee jaar gebiologeerd volg. En op het ogenblik dus in beslag word genomen door vragen die betrekking hebben op het lot van John Fisher.

De temperatuur van het water ter plekke was slechts negen graden. Zijn collega’s vermoeden dat hij door de klap van de giek al buiten westen raakte, maar het is ook mogelijk dat hij nog bij bewustzijn was. Wat ging er in dat geval door ‘Fish’ heen, door alles en iedereen verlaten? Wat dacht hij allemaal, eenzaam dobberend in die kolkende zee? Dat soort hartverscheurende vragen zal velen nog geruime tijd bezighouden, onder wie vast ook Bouwe Bekking, de ervaren Nederlandse kapitein van Brunel, het schip dat vandaag onder deze trieste omstandigheden de ultieme zeezeilersdroom zal waarmaken door – waarschijnlijk als leider in deze etappe – Kaap Hoorn te ronden.

De deelnemers aan de Volvo Ocean Race weten dondersgoed welke risico’s zij lopen. De Nederlander Hans Horrevoets, die in de race van 2006 op de Atlantische Oceaan eveneens overboord sloeg en verdronk, wist het ook.

En toch stappen ze steeds weer aan boord.

Waarom?

Ik herinner mij een gesprek met een Haarlemse zeezeiler, die mij bekende dat hij de dag na thuiskomst van een maandenlange zeiltocht meestal alweer op de kop van de pier van IJmuiden naar de zee zat te staren.

Ik herinner mij ook Slauerhoff in Zeeroep: Vannacht hoor ik den najaarsstorm aanheffen; / Het dakhout maakt als kreunend want misbaar. / Ik woon zoo ver van zee, zoo dicht bij haar; / ’t Storten der branding kan mij hier niet treffen. / Hoe kan ik zoo wanhopig klaar beseffen / Dat ik weer scheep zal gaan, voor ’t eind van ’t jaar.

Daarom dus.


zaterdag 31 maart 2018

Zo’n hufter hééft niet eens recht op privacy

Of het verbazing was? Ontsteltenis? Irritatie? Beklemming? Onbegrip?

Een mix van dit alles vermoedelijk.

Ik werd erdoor overvallen na lezing van dit zinnetje op de Telegraaf-site, in een verhaal over het feit dat beveiligingscamera’s haarscherpe beelden hebben gemaakt van de moordenaar van Reduan Bakkali, de man die dacht een sollicitant te ontvangen en vervolgens, louter en alleen omdat Reduan een broer van een kroongetuige was, door de bezoeker werd afgemaakt: “Binnen politie- en justitiekringen wordt fel gediscussieerd over het eventueel schenden van privacyregels als de bewakingsbeelden worden verspreid.”

Fel gediscussieerd!

Ik zal u een bekentenis doen: ik was op dat moment al bezig een andere invulling aan deze aflevering van mijn rubriek te geven, in de vorm van een pleidooi van de advocaat van de killer.

“Cliënt wordt door spijt overmand. In tegenstelling tot wat het Openbaar Ministerie stelt, verloor hij slechts zijn zelfbeheersing omdat de heer Bakkali hem bot afwees. Jarenlang reeds hebben zijn sollicitaties dankzij zijn afkomst een voor hem negatieve afloop. De discriminatie waarmee cliënt dag in dag uit wordt geconfronteerd frustreerde hem dusdanig dat de stoppen bij dit sollicitatiegesprek, zeker ook doordat hij de heer Bakkali als een van de zijnen beschouwde, doorsloegen. Uiteraard had hij daarbij geen doodslag voor ogen: cliënt wilde slechts waarschuwingsschoten lossen maar mikte slecht. Ik verzoek het gerechtshof rekening te houden met deze verzachtende omstandigheid en hem te veroordelen op basis van artikel 300, lid 1, eenvoudige mishandeling.”

Dat stond al op papier.

Maar goed, toen las ik dus dat privacy-zinnetje.

Laat ik er ten behoeve van mijn eigen gemoedstoestand maar van uitgaan dat de ordehandhavers die van mening zijn dat dergelijke beelden zelfs in dit geval niet zomaar kunnen worden vrijgegeven, daarbij vooral gevoed worden door de gedachte dat dit barbaarse stuk tuig wellicht strafvermindering kan verwachten indien wél tot onmiddellijke publicatie zou worden overgegaan, en dat ze hem dat niet gunnen.

Ik heb het al zo moeilijk, zie u, met de kringen die het opsporings- en handhavingsbeleid in Nederland bepalen. Zij, immers, ja: jullie ook in Den Haag, zij zijn er met die bezuinigingen, dat getalm, dat wegkijken, het te pas en te onpas de racismekaart trekken en het daaruit voortvloeiende gebrek aan bestrijding van de criminaliteit, verantwoordelijk voor dat zich bij types als deze gewetenloze moordenaar de indruk heeft ontwikkeld dat zij onaantastbaar zijn. Vanaf hun allereerste ervaringen als straatschoffie konden zij, in verreweg de meeste gevallen niet of nauwelijks vervolgd, hun gang blijven gaan, met als gevolg dat dit land anno nu van doen heeft met gangsters die achteloos hun schouders ophalen wanneer zij door beveiligingscamera’s worden geregistreerd.

Zo’n hufter hééft niet eens recht op privacy.

En de wet zegt dus van wel.

O, Nederland.

Reageren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

rob@hoogland.nl